Zoekresultaten

Zoekresultaat:
71 artikelen
x
Jaar 2020 x
Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Access_openMoet een drempel van aannemelijkheid worden genomen om recht te hebben op inzage in gegevens op grond van art. 843a Rv?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2020
Trefwoorden inzagerecht, exhibitieplicht, bewijsmiddelen, bewijsrecht, gegevens
Auteurs Mr. J. Ekelmans
  • Samenvatting

      De auteur bespreekt of voor een aanspraak op inzage vereist is dat de vordering waarvoor die wordt ingesteld aannemelijk is. Dat doet hij aan de hand van huidig recht, het wetsvoorstel modernisering en vereenvoudiging van het bewijsrecht en de rechtspraak van de Hoge Raad hierover, waaronder HR 10 juli 2020, ELCI:NL:HR:2020:1251 (Semtex/X c.s.). Hij geeft ook aan welke keuzes de wetgever volgens hem moet maken.

  • Auteursinformatie

    Mr. J. Ekelmans

    Mr. J. Ekelmans is advocaat bij Ekelmans & Meijer Advocaten in Den Haag.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Sustainability sells?

Over de toekomstige duurzaamheidsregelgeving voor de financiële sector en de impact op de relatie met de cliënt

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2020
Trefwoorden taxonomie, duurzaamheid, klimaat, financiëlemarktdeelnemer, zorgplicht
Auteurs Mr. drs. S.A.M. Vermeulen en Mr. F.W.J. van der Eerden
  • Samenvatting

      In dit artikel geven de auteurs een overzicht van de toekomstige (informatie)verplichtingen voor financiële ondernemingen in het kader van duurzaamheid, met name op basis van de Taxonomie- en Transparantieverordening. Ook gaan zij in op de mogelijke civielrechtelijke impact daarvan op de verhouding met retailbeleggers die ‘duurzame’ financiële producten afnemen.

  • Auteursinformatie

    Mr. drs. S.A.M. Vermeulen

    Mr. drs. S.A.M. Vermeulen is advocaat bij NautaDutilh in Amsterdam.

    Mr. F.W.J. van der Eerden

    Mr. F.W.J. van der Eerden is advocaat bij NautaDutilh in Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Niet-preferent concurrent, ofwel lager in rang maar niet achtergesteld

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2020
Trefwoorden preferent-concurrent, non-preferred senior, senior non-preferred, BRRD, MREL
Auteurs Mr. W.J. Horsten
  • Samenvatting

      Naar aanleiding van een wijziging van een Europese richtlijn kent ons recht sinds eind 2018 voor banken een bijzondere categorie concurrente schulden, aangeduid als ‘niet-preferente concurrente’ schuld. Dit betreft een (sub)categorie concurrente schulden, die in faillissement na gewone concurrente (dan ‘preferent-concurrente’) schulden wordt betaald zonder als ‘achtergesteld’ te worden aangemerkt.

  • Auteursinformatie

    Mr. W.J. Horsten

    Mr. W.J. Horsten is advocaat bij Linklaters in Amsterdam.

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht
Redactioneel

Art. 6:13 Awb in de fuik?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden beroep, Aarhus, EVRM, bestuursrecht
Auteurs Prof. mr. G.A. (Gerrit) van der Veen
  • Samenvatting

      Auteur gaat in dit redactioneel in op de discussie over het vereiste om voor beroep bij de bestuursrechter bezwaar aan te tekenen bij het bestuursorgaan, in milieuzaken.

  • Auteursinformatie

    Prof. mr. G.A. (Gerrit) van der Veen

    Prof. mr. G.A. van der Veen is advocaat bij AKD te Rotterdam, bijzonder hoogleraar milieurecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en lid van de redactie van het Tijdschrift voor Omgevingsrecht.

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht
Artikel

Access_openDetailhandel & Dienstenrichtlijn

De pakketbenadering: toverwoord of hellend vlak?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden ruimtelijke ordening, Europees recht, pakketbenadering, evenredigheid
Auteurs Mr. G.H.J. (Gijs) Heutink
  • Samenvatting

      In dit artikel gaat auteur in op een aantal uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak in navolging op de zaak Appingedam. Auteur bespreekt hoe de Afdeling de ‘pakketbenadering’ toepast in deze jurisprudentie.

  • Auteursinformatie

    Mr. G.H.J. (Gijs) Heutink

    Mr. G.H.J. Heutink is advocaat bij Hemwood te Amsterdam.

Tijdschrift Contracteren
Artikel

Access_openFranchise: is artikel 7:922 BW een voorrangsregel waar de praktijk op moet voorsorteren?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Franchisewet, voorrangsregel, internationaal privaatrecht, artikel 9 Rome I Verordening
Auteurs Prof. mr. dr. Edwin van Wechem en Mr. Michiel Bijloo
  • Samenvatting

      Artikel 7:922 BW van de nieuwe Wet franchise bepaalt dat ten aanzien van in Nederland gevestigde franchisenemers niet ten nadele kan worden afgeweken van de Titel franchise en dat een beding in strijd met artikel 920 nietig is, ongeacht het recht dat de franchiseovereenkomst beheerst. In deze bijdrage wordt onderzocht of dit de betekenis en status kan hebben van een voorrangsregel in het internationaal privaatrecht, meer precies in de zin van art. artikel 9 Rome I Verordening.

  • Auteursinformatie

    Prof. mr. dr. Edwin van Wechem

    Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Corporate Legal Counseling aan de Open Universiteit en redacteur van Contracteren.

    Mr. Michiel Bijloo

    Mr. M. Bijloo is advocaat en counsel bij BakerMcKenzie advocaten en notarissen te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Wetenschap

De Wet opheffing verpandingsverboden

Een kritische bespreking van de nieuwe regeling van art. 3:83 lid 3 en 4, 3:94 lid 5 en 3:239 lid 5 BW, alsmede van het overgangsrecht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2020
Trefwoorden cessie- en verpandingsverboden, Overdraagbaarheid, Nietigheid, Vormvoorschrift, goederenrecht
Auteurs Mr. dr. M.H.E. Rongen
  • Samenvatting

      In deze bijdrage wordt aandacht geschonken aan het wetsvoorstel ‘Wet opheffing verpandingsverboden’. Na inwerkingtreding van de wet kunnen de overdraagbaarheid en verpandbaarheid van een geldvordering op naam die voortkomt uit de uitoefening van een beroep of bedrijf niet meer door een beding tussen schuldenaar en schuldeiser worden uitgesloten of beperkt. De Wet opheffing verpandingsverboden beoogt de kredietmogelijkheden van het bedrijfsleven te vergroten door zeker te stellen dat bedrijfsmatig verkregen geldvorderingen als onderpand voor financieringen kunnen worden ingezet. De nieuwe regeling, de daarin opgenomen uitzonderingen en het overgangsrecht worden kritisch besproken.

  • Auteursinformatie

    Mr. dr. M.H.E. Rongen

    Mr. dr. M.H.E. (Martijn) Rongen is senior legal counsel bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Wetenschap en praktijk

Selectieve betalingen in het zicht van (mogelijke) insolventie – ruim baan voor de bestuurder?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Ontvanger/Roelofsen, faillissement, bestuurdersaansprakelijkheid, Ingwersen q.q./Kromme Leek c.s., verhaalsfrustratie
Auteurs Mr. L.M. Linskens en Mr. S.C.M. van Thiel
  • Samenvatting

      Een bestuurder van een bv of nv wordt in tijden van financiële krapte veel vrijheid gegund om zelf te bepalen welke schuldeisers hij wel en welke hij (nog) niet voldoet. Deze vrijheid wordt slechts begrensd door de wet (pauliana) en door de jurisprudentie omtrent selectieve betalingen. Op grond van die jurisprudentie is een bestuurder die in een situatie waarin er blijvend meer schulden dan middelen zijn gelieerde crediteuren boven andere crediteuren behandelt, in beginsel persoonlijk aansprakelijk jegens die andere crediteuren. In de literatuur is bepleit dat deze ‘in beginsel’-regel zou moeten gelden voor alle betalingen die een bestuurder verricht nadat het faillissement van de vennootschap onvermijdelijk is geworden. Uit het arrest Ingwersen q.q./Kromme Leek c.s., dat eerder dit jaar werd gewezen, volgt dat de Hoge Raad hier echter geen aanleiding voor zag. In deze bijdrage staat de vraag centraal of dit betekent dat de Hoge Raad de bestuurder zelfs in een dergelijke situatie nog ruim baan geeft om zijn eigen keuzes te maken. Aan het einde wordt bezien hoe de lagere jurisprudentie tot nu toe hierop heeft gereageerd.

  • Auteursinformatie

    Mr. L.M. Linskens

    Mr. L.M. (Lisa) Linskens is advocaat bij Evers Soerjatin te Amsterdam.

    Mr. S.C.M. van Thiel

    Mr. S.C.M. (Stein) van Thiel is advocaat bij Evers Soerjatin te Amsterdam.

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht
Artikel

Access_openOver het verzet tegen de rekening en verantwoording en de uitdelingslijst van de vereffenaar

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2020
Trefwoorden vereffening, rekening en verantwoording, uitdelingslijst, verzet, waardering verkrijging erfgenaam
Auteurs Prof. dr. S. Perrick
  • Samenvatting

      In dit artikel besteedt de auteur mede aan de hand van recente beschikkingen van de Hoge Raad aandacht aan de procesrechtelijke aspecten van het verzet tegen een door een vereffenaar gedane rekening en verantwoording of opgemaakte uitdelingslijst. In een van de door de Hoge Raad berechte zaken speelt de waardering van hetgeen een legitimaris krachtens erfrecht verkrijgt een rol. Deze kwestie wordt bij wijze van intermezzo behandeld.

  • Auteursinformatie

    Prof. dr. S. Perrick

    Prof. dr. S. Perrick is advocaat te Amsterdam.

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht
Artikel

Ontslag van de executeur om gewichtige redenen

Een onderbelicht instrument

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2020
Trefwoorden Taak, executele, ontslagverzoek, vertrouwen, artikel 4:149 BW
Auteurs Mr. drs. R. van Dijken
  • Samenvatting

      Het zijn gouden tijden voor de executeur, maar dat maakt zijn positie niet onaantastbaar. Van groot praktisch belang is het ontslag ‘wegens gewichtige redenen’ uit artikel 4:149 lid 2 BW. Met name aan de hand van gepubliceerde jurisprudentie gaat deze bijdrage in op verschillende aspecten die bij een ontslagprocedure aan de orde kunnen komen, namelijk (1) de kring van verzoekers, (2) de omstandigheid dat de executele reeds is geëindigd, en (3) de gewichtige redenen voor ontslag.

  • Auteursinformatie

    Mr. drs. R. van Dijken

    Mr. drs. R. van Dijken is advocaat te Amsterdam.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Artikel

Aansprakelijkheid voor medische hulpmiddelen, het laatste woord was aan de Hoge Raad

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2020
Trefwoorden medische aansprakelijkheid, tekortkoming, toerekening, state of the art, professionele standaard
Auteurs Mr. P.J. klein Gunnewiek en Mr. M.S.E. van Beurden
  • Samenvatting

      Analyse van de arresten van de Hoge Raad van 19 juni 2020 met betrekking tot de aansprakelijkheid van de hulpverlener voor medische hulpmiddelen.

  • Auteursinformatie

    Mr. P.J. klein Gunnewiek

    Mr. P.J. klein Gunnewiek is advocaat bij Van Benthem & Keulen in Utrecht.

    Mr. M.S.E. van Beurden

    Mr. M.S.E. van Beurden is advocaat bij Centramed in Zoetermeer.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Artikel

Access_openActualiteiten particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV)

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2020
Trefwoorden abeidsongeschiktheidsverzekering., schending mededelingsplicht, begrip arbeidsongeschiktheid, claimbehandeling
Auteurs Mr. dr. E.J. Wervelman
  • Samenvatting

      De auteur bespreekt de belangrijkste actualiteiten op het terrein van arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Daarbij is in het bijzonder aandacht geschonken aan de rol van deze verzekering binnen de letselschade. Daarnaast komt het karakter van de AOV aan orde, de schending van de mededelingsplicht, het begrip arbeidsongeschiktheid en de claimbehandeling.

  • Auteursinformatie

    Mr. dr. E.J. Wervelman

    Mr. dr. E.J. Wervelman is als advocaat verbonden aan VWW Advocaten - Mediation te Utrecht en is raadsheer-plaatsvervanger bij het gerechtshof ’s-Hertogenbosch.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Access_openDe verklaring voor recht, voldoende belang(rijk)?

Over het belang bij declaratoire vordering na afwijzing condemnatoire vordering

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2020
Trefwoorden proceseconomie, processueel belang, genoegdoening, rechtsherstel, subjectief recht
Auteurs Dr. P. Gillaerts en Prof. mr. A.L.M. Keirse
  • Samenvatting

      Een recent arrest van de Hoge Raad bevestigt het zelfstandige belang bij een verklaring voor recht als genoegdoening voor een rechtsschending, ook indien de daarop voortbouwende veroordelende vorderingen stranden. In dit licht duiden de auteurs de speelruimte bij de declaratoire vordering in het verbintenissenrecht.

  • Auteursinformatie

    Dr. P. Gillaerts

    Dr. P. Gillaerts is advocaat aan de balie van Brussel en onderwijsassistent aan het Leuven Centre for Public Law van de KU Leuven.

    Prof. mr. A.L.M. Keirse

    Prof. mr. A.L.M. Keirse is raadsheer bij het gerechtshof Amsterdam en als hoogleraar burgerlijk recht verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law van de Universiteit Utrecht.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Overdracht van kredietvorderingen na Promontoria

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2020
Trefwoorden cessie, vordering, rentebeleid, afhankelijk recht, zorgplicht
Auteurs Mr. J.L. Snijders en Mr. Y.C. Tonino
  • Samenvatting

      De Promontoria-arresten maken duidelijk dat bancaire vorderingen naar hun aard niet onoverdraagbaar zijn en dat, hoewel de bancaire zorgplicht niet op de verkrijgende partij overgaat, onder meer de redelijkheid en billijkheid kunnen meebrengen dat op de verkrijgende partij een eigen zorgplicht rust. Dit artikel gaat in op deze zorgplicht van de verkrijgende partij en de impact daarvan op de positie van de overdragende partij.

  • Auteursinformatie

    Mr. J.L. Snijders

    Mr. J.L. Snijders en is werkzaam als advocaat bij FIZ advocaten te Rotterdam.

    Mr. Y.C. Tonino

    Mr. Y.C. Tonino is werkzaam als advocaat bij FIZ advocaten te Rotterdam.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Europees internationaal privaatrecht

Internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter en de immuniteit van internationale organisaties

De uitspraak van het Hof van Justitie in Supreme/Supreme Headquarters Allied Powers Europe (SHAPE)

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2020
Trefwoorden internationale organisaties, internationale bevoegdheid van de nationale rechter, immuniteit, Brussel I-bis
Auteurs Prof. dr. E.C.P.D.C. De Brabandere
  • Samenvatting

      Op 3 september 2020 heeft het Hof van Justitie uitspraak gedaan in de zaak Supreme/Supreme Headquarters Allied Powers Europe (SHAPE). De zaak heeft betrekking op de internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter inzake een geschil tussen een reeks vennootschappen en een internationale organisatie. Naast de vraag of de Nederlandse rechter internationaal bevoegd is om kennis te nemen van een verzoek door een internationale organisatie tot opheffing van een conservatoir beslag, bespreken het arrest en deze noot de vraag of rekening gehouden moet worden met de immuniteit van executie van internationale organisaties.
      HvJ 3 september 2020, zaak C-186/19, ECLI:EU:C:2020:638 (Supreme/Supreme Headquarters Allied Powers Europe (SHAPE)).

  • Auteursinformatie

    Prof. dr. E.C.P.D.C. De Brabandere

    Prof. dr. E.C.P.D.C. (Eric) De Brabandere is hoogleraar internationale geschillenbeslechting aan Grotius Centre for International Legal Studies en advocaat aan de Balie te Brussel (DMDB Law).

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Staatssteun

Dôvera: ziektekostenverzekeringen en het ondernemingsbegrip – onzekerheid verzekerd?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2020
Trefwoorden staatssteun, mededingingsrecht, ondernemingsbegrip, economische activiteiten
Auteurs Mr. drs. B.M.M. Reuder
  • Samenvatting

      In dit artikel wordt het arrest in de staatssteunzaak Dôvera besproken, waarin het Hof van Justitie heeft geoordeeld dat Slowaakse zorgverzekeraars geen ondernemingen zijn in de zin van de Europese mededingingsregels, nadat het Gerecht had geoordeeld dat zij wel als ondernemingen moesten worden gezien. Dit artikel bespreekt achtereenvolgens het ondernemingsbegrip in de context van socialezekerheidsstelsels, de verschillende oordelen in de Dôvera-zaak en de betekenis van het arrest van het Hof van Justitie voor de toepasselijkheid van mededingingsregels op Nederlandse zorgverzekeraars.
      HvJ 11 juni 2020, gevoegde zaken C-262/18 P en C-271/18 P, ECLI:EU:C:2020:450 (Commissie/Dôvera zdravotná poist’ovňa).

  • Auteursinformatie

    Mr. drs. B.M.M. Reuder

    Mr. drs. B.M.M. (Berend) Reuder is advocaat bij Stek.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Aansprakelijkheid van arbiters

Enkele gedachten over maatstaf, vernietiging, grondslag, ipr en exoneratie

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2020
Trefwoorden arbiteraansprakelijkheid, internationaal privaatrecht, uitsluiting aansprakelijkheid, vernietigingsprocedure, arbitrage
Auteurs Prof. mr. N. Peters en Mr. J.J. Bakker
  • Samenvatting

      In deze bijdrage worden enkele aspecten van arbiteraansprakelijkheid besproken. Ingegaan wordt op de grondslag en maatstaf voor arbiteraansprakelijkheid, de vraag of vernietiging vereist is, de aard van de rechtsverhouding tussen arbiters en partijen, alsmede de mogelijkheid tot exoneratie. Verder wordt aandacht besteed aan enkele vragen van internationaal privaatrecht, te weten bevoegdheid en toepasselijk recht.

  • Auteursinformatie

    Prof. mr. N. Peters

    Prof. mr. N. Peters is advocaat bij Simmons & Simmons te Amsterdam en hoogleraar internationale handelsarbitrage aan de Rijksuniversiteit Groningen.

    Mr. J.J. Bakker

    Mr. J.J. Bakker is advocaat bij Simmons & Simmons te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Leiden bedingen die de vennootschap als enig opdrachtnemer aanwijzen tot uitsluiting van persoonlijke aansprakelijkheid van de beroepsbeoefenaar, en kan dat?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2020
Trefwoorden beroepsaansprakelijkheid, exoneratie, kanalisering, opdrachtnemerschap
Auteurs Mr. E.A.L. van Emden
  • Samenvatting

      Beroepsbeoefenaars kunnen met hun opdrachtgever overeenkomen dat het kantoor waaraan zij zijn verbonden als enig opdrachtnemer heeft te gelden. De vraag is in hoeverre daarmee ook de persoonlijke aansprakelijkheid van de beroepsbeoefenaar kan worden uitgesloten. Daarnaast wordt ingegaan op de vraag in hoeverre het uitsluiten van persoonlijke aansprakelijkheid door beroepsbeoefenaars mogelijk is.

  • Auteursinformatie

    Mr. E.A.L. van Emden

    Mr. E.A.L. van Emden is advocaat bij NN Advocaten (Nationale-Nederlanden) te Den Haag.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Redactioneel

Redactioneel

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2020
Auteurs Mr. A.J. Van
  • Auteursinformatie

    Mr. A.J. Van

    Mr. A.J. Van is advocaat bij Beer Advocaten en universitair docent aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Jurisprudentie

Kansschade: een bewogen leerstuk

HR 19 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1223 en Rb. Den Haag 8 januari 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:4

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2020
Trefwoorden (letsel)schade, kansschade, zorgvuldigheidsnorm, proportionele aansprakelijkheid, condicio sine qua non-verband
Auteurs Mr. J. den Hoed
  • Samenvatting

      Zowel in het Srebrenica-arrest als in het Faro-vonnis, twee tamelijk verschillende zaken, is een veroordeling tot vergoeding van kansschade uitgesproken voor onzorgvuldig handelen. In zijn Srebrenica-uitspraak stelde de Hoge Raad de kleine, maar niet verwaarloosbare kans voor de bewuste groep mannelijke vluchtelingen om uit handen te blijven van Bosnische Serviërs (als Dutchbat naar behoren zou zijn opgetreden) vast op 10%, waar het hof nog was uitgekomen op 30%. De rechtbank kwam in de Faro-zaak tot een kleine, maar niet verwaarloosbare kans van 20% op een beter resultaat bij de destijds met Martinair gevoerde onderhandelingen als de Raad voor de Luchtvaart niet onzorgvuldig zou hebben gehandeld. Een algemeen, voor alle gevallen toepasbaar, minimumpercentage voor kansschade lijkt niet aanwijsbaar.

  • Auteursinformatie

    Mr. J. den Hoed

    Mr. J. den Hoed is cassatieadvocaat bij Köster advocaten.

Toont 1 - 20 van 71 gevonden teksten
« 1 3 4