Zoekresultaten

Zoekresultaat:
12 artikelen
x
Tijdschrift Onderneming en Financiering x
Jaar 2012 x
Rechtsgebied Ondernemingsrecht x
Tijdschrift Onderneming en Financiering
Praktijk

Securitisaties en Islamitisch financieren

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2012
Trefwoorden securitisaties en islamitisch financieren
Auteurs Mr. E.F. Coomans-Piscaer
  • Samenvatting

      Als gevolg van de economische en regulatoire veranderingen van de laatste jaren zijn de investeringsmogelijkheden van Europese investeerders beperkter geworden. Om nieuwe investeerders aan te trekken, zou er gezocht kunnen worden naar investeerders van buiten Europa, zoals investeerders uit het Midden-Oosten en Azië. Een groot gedeelte van de investeerders uit het Midden-Oosten en Azië investeert slechts in structuren die gebaseerd zijn op de beginselen van het islamitisch financieren. Om de Nederlandse securitisatiestructuur voor dergelijke investeerders interessant te maken, dient deze te voldoen aan de vereisten van het islamitisch financieren. Het artikel behandelt globaal de securitisatiestructuur die in Nederland en in het islamitisch financieren worden gebruikt. Ook worden een paar knelpunten aangehaald die van belang kunnen zijn bij het aanpassen van de Nederlandse securitisatiestructuur aan de beginselen van het islamitisch financieren.

  • Auteursinformatie

    Mr. E.F. Coomans-Piscaer

    Mr. Coomans-Piscaer is Advocaat bij Loyens & Loeff N.V.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Praktijk

Kartels en concernverhoudingen: extra zorgplicht voor moeders?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2012
Trefwoorden kartelinbreuk, toerekening, boete, concernverhoudingen, mededingingsrecht
Auteurs Mr. S.G.J. Smallegange en mr. L.L. Bremmer
  • Samenvatting

      Een boete voor een kartelinbreuk van een dochteronderneming kan aan een moedermaatschappij worden toegerekend als zij een economische eenheid vormen en de moeder een beslissende invloed uitoefent. De Europese Commissie gaat hierbij uit van een weerlegbaar vermoeden als de moeder 100% van het kapitaal bezit, waarbij de moeder het bewijs moet aandragen dat zij geen beslissende invloed heeft gehad op de dochter. Hoe zit dat bij andere posities van moedermaatschappijen? Bij de beoordeling kijkt de Commissie naar de feiten en omstandigheden van het geval. Overlap in besturen, management en zelfs negatieve zeggenschap kunnen beslissende invloed creëren. De moeder doet er daarom goed aan – voordat zij wordt geconfronteerd met een overtreding – inzichtelijk te hebben of zij als een economische eenheid gezien wil worden.

  • Auteursinformatie

    Mr. S.G.J. Smallegange

    Mr. S.G.J. Smallegange is als advocaat werkzaam bij de vakgroep Europees en Mededingingsrecht AKD te Brussel.

    mr. L.L. Bremmer

    Mr. L.L. Bremmer is als advocaat werkzaam bij de vakgroep Europees en Mededingingsrecht AKD te Brussel.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Casus

Ongewenste paulianadreiging voor redders in nood

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2012
Trefwoorden pauliana, faillissementspauliana, wetenschap, benadeling, herfinanciering
Auteurs Mr. T. Hekman en mr. J. de Koning Gans
  • Samenvatting

      Bij de herfinanciering van een noodlijdende onderneming zal een bank (aanvullende) zekerheden verlangen. Komt de onderneming ondanks het nieuw verkregen krediet alsnog te failleren, dan kan een curator de verstrekte zekerheden trachten te vernietigen met een beroep op de faillissementspauliana. De Hoge Raad heeft zich laatstelijk over deze problematiek uitgesproken in ABN AMRO/Van Dooren q.q. III. In deze bijdrage komen de auteurs tot de conclusie dat de door de Hoge Raad ingeslagen weg onwenselijk is. Ook wordt door hen betoogd dat de in ABN AMRO/Van Dooren q.q. III geformuleerde maatstaf geen toepassing zou moeten vinden bij bonafide reddingsoperaties door de bank.

  • Auteursinformatie

    Mr. T. Hekman

    Mr. T. Hekman is advocaat bij AKD te Amsterdam.

    mr. J. de Koning Gans

    Mr. J. de Koning Gans is advocaat bij Post Advocaten te Barneveld.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Praktijk

De verbeterde geschillenregeling: meer potentieel dan wellicht wordt gedacht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2012
Trefwoorden geschillenregeling, vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht, art. 2:335-2:343c BW, flex-bv
Auteurs Mr. drs. H.T. Verhaar
  • Samenvatting

      Dit artikel behandelt de wijzigingen in de geschillenregeling die op 1 oktober 2012 in werking treden als onderdeel van de Wet vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht. De auteur gaat dieper in op een vijftal wijzigingen die de snelheid en aantrekkelijkheid van de geschillenregeling bevorderen. De conclusie is dat hoewel verdere aanpassingen in de geschillenregeling reeds zijn aangekondigd, de huidige wijzigingen de geschillenregeling al veel populairder kunnen maken. De verbeterde geschillenregeling heeft meer potentieel dan wellicht wordt gedacht.

  • Auteursinformatie

    Mr. drs. H.T. Verhaar

    Mr. drs. H.T. Verhaar is advocaat bij NautaDutilh NV in Rotterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Praktijk

De contractuele gevolgen van een eurodesintegratie

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2012
Trefwoorden eurodesintegratie, uittreding, redenominatie, ISDA, LMA
Auteurs Mr. C.P. Hooft
  • Samenvatting

      Het is niet te voorspellen of en hoe een eurodesintegratie zal plaatsvinden. Ook het precieze juridische kader van een desintegratie valt lastig te voorzien. Uit juridische analyse van redenominatie van eurobetalingsverplichtingen bij een eurodesintegratie volgt dat er aanzienlijke juridische onduidelijkheden daarover bestaan. Terwijl de commerciële gevolgen voor contractspartijen belangrijk kunnen zijn. Het is contractueel verre van eenvoudig om de risico’s te adresseren. Met name indien contracten worden afgesloten waarbij langeduurbetalingsverplichtingen kunnen ontstaan en contractspartijen in verschillende landen zetelen, waarbij aanzienlijke koerswijzigingen tussen die landen kunnen ontstaan bij uittreding, zouden contractspartijen de risico’s in overweging dienen te nemen.

  • Auteursinformatie

    Mr. C.P. Hooft

    Mr. C.P. Hooft is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Casus

Enkele AFM-boetebesluiten ter zake van overkreditering langs de lat van het bepaalbaarheidsgebod

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2012
Trefwoorden AFM, bepaalbaarheidsgebod, bestuurlijke boete, boetebesluit, overkreditering
Auteurs Mr. C.F.J. van Tuyll
  • Samenvatting

      In deze bijdrage staat de vraag centraal of de AFM, als deze tot beboeting overgaat, de door haar voorgestane invulling van het financiële voorschrift vooraf voldoende kenbaar maakt aan de markt. Deze verplichting vloeit voort uit het bepaalbaarheidsgebod dat via de band van art. 7 EVRM van toepassing is op bestuurlijke boetes. De auteur onderzoekt aan de hand van diverse boetebesluiten die de AFM in 2010-2011 wegens overkreditering aan kredietverstrekkers als Rabobank, ING, DSB en ELQ Hypotheken N.V. heeft opgelegd of de AFM de door haar voorgestane invulling van bepaling ter zake van overkreditering vooraf voldoende helder kenbaar heeft gemaakt aan de markt. Na het wettelijk kader van het overkrediteringsvoorschrift te hebben geschetst, gaat de auteur in op de algemene gedachte achter de open norm. Voorts worden de diverse boetebesluiten van de AFM die aan de geselecteerde kredietverstrekkers zijn opgelegd, besproken en beoordeeld. Bij de beoordeling of de AFM zich wel voldoende rekenschap heeft gegeven van het bepaalbaarheidsgebod staat centraal of de boeteoplegging voor ondertoezichtstaanden in voldoende mate te voorzien was, in het licht van eerder door de AFM gegeven interpretaties ten aanzien van het voorschrift.

  • Auteursinformatie

    Mr. C.F.J. van Tuyll

    Mr. C.F.J. van Tuyll is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Casus

De verpanding van absoluut toekomstige vorderingen

HR 3 februari 2012, LJN BT6947 (Dix q.q./ING)

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2012
Trefwoorden stil pandrecht, verzamelpandakte, Selbsteintritt, rangregeling, Registratiewet
Auteurs Mr. F. van Buchem en Mr. B. de Man
  • Samenvatting

      De Hoge Raad heeft op 3 februari 2012 in het arrest Dix q.q./ING geoordeeld dat banken, voor zover zij beschikken over een geldige volmacht, vorderingen van kredietnemers op derden via een verzamelpandakte rechtsgeldig aan zichzelf kunnen verpanden. Bevestigd is aldus dat via de verzamelpandakteconstructie ook absoluut toekomstige vorderingen binnen het systeem van art. 3:239 BW stil kunnen worden verpand. In deze bijdrage onderzoeken de auteurs de wenselijkheid van een wetswijziging, inhoudende dat ook absoluut toekomstige vorderingen stil kunnen worden verpand.

  • Auteursinformatie

    Mr. F. van Buchem

    Mw. mr. F. van Buchem is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

    Mr. B. de Man

    Mr. B. de Man is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Casus

De verpanding van lidmaatschappen van een coöperatie praktisch belicht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2012
Trefwoorden coöperatie, lidmaatschap, financiering, pandrecht, stemrecht
Auteurs Mr. N. Ouwerkerk en Mr. drs. A.G. de Neve
  • Samenvatting

      Als gevolg van het gebruik van coöperaties in concernverband wordt in toenemende mate door financiers verlangd dat ten behoeve van de financiers een pandrecht wordt gevestigd op de door de leden gehouden lidmaatschappen. In deze bijdrage wordt uiteengezet dat de tot op heden in de literatuur opgeworpen beperkingen niet aan een effectieve verpanding in de weg hoeven te staan. Bij gebrek aan wettelijk kader is maatwerk bij het opstellen van de statuten van de coöperatie en de akte van verpanding vereist. De auteurs beogen in deze bijdrage praktische handvatten te geven voor het redigeren van de statuten en de akte van verpanding.

  • Auteursinformatie

    Mr. N. Ouwerkerk

    Mw. mr. N. Ouwerkerk is kandidaat-notaris bij Houthoff Buruma te Amsterdam.

    Mr. drs. A.G. de Neve

    Mr. drs. A.G. de Neve is advocaat-partner bij Houthoff Buruma te Rotterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Casus

‘To hedge or not to hedge’; de toekomst van de derivatenmarkt

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2012
Trefwoorden derivaten, derivatentransacties, clearing, EMIR
Auteurs Mr. C.H. Schot
  • Samenvatting

      Deze bijdrage bespreekt de effecten van de toekomstige derivatenwetgeving voor ondernemingen. Allereerst wordt uiteengezet wat de huidige situatie is ten aanzien van de juridische vormgeving van derivatentransacties (de nulsituatie). Vervolgens wordt gekeken wat de nieuwe wetsvoorstellen inhouden. Tot slot wordt er ingegaan op de effecten van deze wetgevingsdrang op de eindgebruikers, de (mogelijke) nieuwe eindsituatie en eventuele knelpunten voor ondernemingen en andere eindgebruikers. De bijdrage beperkt zich tot over the counter-derivaten, derivaten die niet via de beurs worden verhandeld.

  • Auteursinformatie

    Mr. C.H. Schot

    Mw. mr. C.H. Schot is advocaat-partner bij Baker & McKenzie te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Artikel

De regulering van en het toezicht op ratingbureaus in de Europese Unie

De wijziging van Verordening (EG) nr. 1060/2009 inzake ratingbureaus, ESMA en het nieuwe wijzigingsvoorstel: de definitieve aanpak van de belangrijkste problemen in de ratingmarkt?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2012
Trefwoorden voorstel tot wijziging verordening inzake ratingbureaus, credit rating agencies, ESMA, toezicht, handhaving
Auteurs Mr. J.C. Jaakke
  • Samenvatting

      In deze bijdrage wordt het op 15 november door de Commissie aangenomen voorstel tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1060/2009 inzake ratingbureaus besproken. Na het van kracht worden van Verordening 1060/2009 is er een eerste wijziging aangebracht die de registratie van en het toezicht op ratingbureaus in de Europese Unie overdraagt aan het ondertussen opgerichte ESMA (European Securities and Markets Authority). Met het nieuwe voorstel beoogt de Commissie eindelijk de grootste problemen aan te pakken. Deze aanpak van de Commissie wordt in deze bijdrage kritisch besproken.

  • Auteursinformatie

    Mr. J.C. Jaakke

    Mr. J.C. Jaakke is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Artikel

Toegang voor beheerders van beleggingsinstellingen tot de Nederlandse markt, na implementatie van de AIFM-richtlijn

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2012
Trefwoorden AIFM-richtlijn, beheerders van beleggingsinstellingen, Wet op het financieel toezicht
Auteurs Mr. J. Kerkvliet
  • Samenvatting

      In de zomer van 2011 heeft het ministerie van Financiën een concept voor het wetsvoorstel ter implementatie van de AIFM-richtlijn in de Nederlandse wet- en regelgeving ter consultatie gegeven. Hoewel de AIFM-richtlijn met name bedoeld is om beheerders van hedge funds en private equity funds te reguleren, voorziet de implementatie daarvan in ingrijpende wijzigingen met betrekking tot beheerders van alle beleggingsinstellingen die niet kwalificeren als instellingen voor collectieve belegging in effecten (icbe’s of UCITS). Nederland moet de AIFM-richtlijn voor 22 juli 2013 in zijn nationale wetgeving hebben geïmplementeerd. In deze bijdrage geeft de auteur een voorproefje op hoe de toegang tot de Nederlandse markt voor zowel Nederlandse als buitenlandse beheerders van beleggingsinstellingen eruit zal zien na implementatie van de AIFM-richtlijn.

  • Auteursinformatie

    Mr. J. Kerkvliet

    Mr. J. Kerkvliet is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Artikel

Winstuitkeringen aan private investeerders in de zorg

De omzetting van een ‘zorgstichting’ in een ‘zorg-bv’

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2012
Trefwoorden zorginstelling, zorgstichting, winstuitkering, Wet toelating zorginstellingen
Auteurs Mr. Q. Keukens en Mr. L.B. Vissers
  • Samenvatting

      De Nederlandse gezondheidszorg is van oudsher een sterk van overheidswege gereguleerde sector. Ook heden ten dage is dat nog steeds in grote mate het geval. De afgelopen jaren zien we echter dat steeds meer private investeerders hun intrede doen in de zorg. Met de komst van private investeerders verandert vaak ook de rechtsvorm van de zorginstelling: de aloude stichting wordt omgezet in (onder meer) de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (bv) of coöperatie. In deze bijdrage wordt stilgestaan bij enkele juridische aspecten die verbonden zijn aan de participatie van private investeerders in de zorgsector en de stappen die dienen te worden gezet bij omzetting van een ‘zorgstichting’ in een ‘zorg-bv’.

  • Auteursinformatie

    Mr. Q. Keukens

    Mr. Q. Keukens is advocaat bij BANNING Advocaten N.V. te Den Bosch.

    Mr. L.B. Vissers

    Mr. L.B. Vissers is advocaat bij BANNING Advocaten N.V. te Den Bosch.

Interface Showing Amount