Zoekresultaten

Zoekresultaat:
72 artikelen
x
Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Skanska, de onderneming en de laedens: gamechanger of buitencategorie?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden kartelschade, Skanska, ondernemingsbegrip, economische continuïteit, follow-on litigation
Auteurs Mr. S.L. Boersen en Mr. S. de Jong
  • Samenvatting

      Het Europese Hof van Justitie oordeelde in het Skanska-arrest van 14 maart 2019 dat de vraag wie aansprakelijk is voor de schade die is veroorzaakt door een kartelinbreuk wordt beantwoord aan de hand van het Unierechtelijke ondernemingsbegrip. In dit artikel wordt onderzocht wat de effecten zijn van dit oordeel.

  • Auteursinformatie

    Mr. S.L. Boersen

    Mr. S.L. Boersen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

    Mr. S. de Jong

    Mr. S. de Jong is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Schadevergoeding onder de Algemene Verordening Gegevensbescherming

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden AVG, schadevergoeding, privacy, aansprakelijkheid
Auteurs Mr. F.C. van der Jagt-Vink
  • Samenvatting

      In dit artikel wordt onderzocht in hoeverre de mogelijkheden om bij een schending van de privacywetgeving schadevergoeding te vorderen, worden versterkt door de komst van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Hierbij wordt specifiek aandacht besteed aan de mogelijkheid om een collectieve schadevergoedingsactie te starten.

  • Auteursinformatie

    Mr. F.C. van der Jagt-Vink

    Mr. F.C. van der Jagt-Vink is advocaat bij Hunter Legal te Amsterdam en fellow bij het Onderzoekscentrum voor Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Jurisprudentie

Directe actie als de verzekerde rechtspersoon niet meer bestaat: uitzondering op meldingsplicht geldt volgens de Hoge Raad voor alle schades

HR 1 februari 2019, ECLI:NL:HR:2019:150

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2019
Trefwoorden directe actie, artikel 7:954 BW, meldingsvereiste, verzekerde rechtspersoon, faillissement
Auteurs Mr. J. Kruijswijk Jansen
  • Samenvatting

      Op 1 februari 2019 heeft de Hoge Raad de reikwijdte van de uitzondering op het meldingsvereiste voor een beroep op de directe actie van artikel 7:954 BW verduidelijkt. Volgens lid 2 van artikel 7:954 BW is voor een beroep op de directe actie niet nodig dat de schade door de aansprakelijke verzekerde aan de aansprakelijkheidsverzekeraar is gemeld, als de verzekerde een rechtspersoon was die heeft opgehouden te bestaan. In alle andere gevallen kan de directe actie alleen worden uitgeoefend als de schade door de verzekeringnemer of verzekerde wél is gemeld bij de aansprakelijkheidsverzekeraar. In het onderhavige arrest stond ter discussie of dit voor alle schades geldt of alleen voor de zogenaamde long tail-schades: schades die zich pas (na lange tijd) manifesteren nadat een rechtspersoon heeft opgehouden te bestaan.

  • Auteursinformatie

    Mr. J. Kruijswijk Jansen

    Mr. J. Kruijswijk Jansen is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Nationale aansprakelijkheidsbeperking financiële toezichthouders vanuit Unierechtelijk perspectief: een ingekaderde beperking

HvJ EU 4 oktober 2018, C-671/16 (Kantarev)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden overheidsaansprakelijkheid, lidstaataansprakelijkheid, wettelijke aansprakelijkheidsbeperking, toezichthoudersaansprakelijkheid
Auteurs Mr. R. Meijer
  • Samenvatting

      In onderhavig artikel wordt ingegaan op de betekenis van het Kantarev-arrest (HvJ EU 4 oktober 2018) voor het Nederlandse recht op het gebied van de aansprakelijkheid van financiële toezichthouders en in het bijzonder voor de huidige aansprakelijkheidsbeperking die is neergelegd in art. 1:25d Wft.

  • Auteursinformatie

    Mr. R. Meijer

    Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO MEIJER Advocaten te Amsterdam.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Jurisprudentie

Welke gevolgen kan deelfraude hebben voor de vordering van de claimant op de aansprakelijke partij en diens verzekeraar?

HR 6 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1103

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2019
Trefwoorden sanctie, claimant, Deelfraude, fraude, Aansprakelijkheid
Auteurs Mr. J.G. Keizer
  • Samenvatting

      De Hoge Raad heeft duidelijk gemaakt dat de regel uit het verzekeringsrecht dat (deel)fraude tot algeheel verval van het recht op uitkering kan leiden (art. 7:941 lid 5 BW), niet analoog toegepast kan worden in de personenschadepraktijk als de claimant tegenover de verzekeraar van de aansprakelijke partij (deel)fraude pleegt. Is een aan artikel 7:491 lid 5 BW verwante wettelijke regel voor de personenschadepraktijk daarom nodig en wenselijk, of bestaan er al voldoende mogelijkheden om (deel)fraude effectief te sanctioneren?

  • Auteursinformatie

    Mr. J.G. Keizer

    Mr. J.G. Keizer is advocaat bij SAP Letselschade Advocaten te Amersfoort.

Tijdschrift Contracteren
Impressies

De franchisenemersvereniging en de binding van franchisenemers

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2019
Trefwoorden franchiseovereenkomst, franchisenemer, franchisenemersvereniging, eenzijdige wijziging, collectieve actie
Auteurs Mr. A.W. Dolphijn
  • Samenvatting

      Aan de orde komt de vraag of een franchisenemer gebonden is aan afspraken die de franchisenemersvereniging met de franchisegever maakt, op grond van de franchiseovereenkomst.

  • Auteursinformatie

    Mr. A.W. Dolphijn

    Mr. A.W. Dolphijn is advocaat bij Ludwig & Van Dam advocaten te Rotterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Eens gekweten blijft gekweten?

De Hoge Raad over het verschil tussen betaling, bewijs van betaling en kwijtschelding

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2018
Trefwoorden kwijting, kwitantie, kwijtschelding, afstand, vaststellingsovereenkomst
Auteurs Mr. J.B.R. Regouw
  • Samenvatting

      Een kwijtingsverklaring is in beginsel slechts een bewijs van betaling, behoudens tegenbewijs. Het verlenen van kwijting houdt niet automatisch een kwijtschelding in. Voor kwijtschelding is een afspraak vereist dat het verschuldigde bedrag niet hoeft te worden voldaan, of een vaststellingsovereenkomst over de omvang van een onzekere of betwiste schuld.

  • Auteursinformatie

    Mr. J.B.R. Regouw

    Mr. J.B.R. Regouw is advocaat bij Clifford Chance te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Wetenschap

Access_openActualiteiten ‘afgeleide schade’

What’s in a name?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2018
Trefwoorden afgeleide schade, rechtstreekse schade, Poot/ABP-arrest, aandeelhouder, vrijwaring
Auteurs Prof. mr. W.J. Oostwouder
  • Samenvatting

      Al meer dan twintig jaar is het Poot/ABP-arrest het standaardarrest op het gebied van afgeleide schade. Op 29 september en 12 oktober 2018 wees de Hoge Raad twee arresten, het Potplantenkwekerij-arrest en het Licorne Holding-arrest, die op het eerste gezicht niet te rijmen zijn met het Poot/ABP-arrest. Dit artikel geeft antwoord op de volgende vraag. Is hier sprake van een trendbreuk of kunnen deze arresten bij hantering van het juiste afgeleide-schadebegrip gebracht worden onder de categorieën gevallen waarvan Kroeze al in zijn dissertatie uit 2004 aangaf dat daarbij schade die (aanvankelijk) op afgeleide wijze is geleden, rechtstreeks aan de aandeelhouder kan worden vergoed?

  • Auteursinformatie

    Prof. mr. W.J. Oostwouder

    Prof. mr. W.J. (Wilco) Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel Recht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Loyens & Loeff en lid van het Zorgteam van dit kantoor, en directeur/eigenaar van Meer Kennis, Juridische en Governance Opleidingen te Hoofddorp.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

De aansprakelijkheid van de verkoopmakelaar tegenover kopers: over meetinstructies, gezichtspunten en schadeaspecten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2018
Trefwoorden zorgplicht, aansprakelijkheid, verkoopmakelaar, meetinstructie, marktwaarde
Auteurs Mr. M.H.J. Lubbers
  • Samenvatting

      In deze bijdrage wordt de aansprakelijkheid van de verkoopmakelaar tegenover kopers bestudeerd, specifiek in het licht van een arrest over dit onderwerp dat de Hoge Raad deze zomer heeft gewezen. In het arrest lijkt wat gemakkelijk tot aansprakelijkheid te worden geconcludeerd. Het blijkt echter nog lastig te zijn om dan succesvol schade te claimen.

  • Auteursinformatie

    Mr. M.H.J. Lubbers

    Mr. M.H.J. Lubbers is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Tijdschrift Contracteren
Over de grens

Het recht van verhaal van de eindverkoper: in Duitsland, in Nederland en in de toekomst

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2018
Trefwoorden consumentenkoop, recht van verhaal, beknelde eindverkoper, regresrecht, voorschakel
Auteurs Mr. T.J.K. van Santen
  • Samenvatting

      Het recht van verhaal is in Nederland geregeld in artikel 7:25 BW en beoogt de beknelde eindverkoper te beschermen. Wanneer een consumentkoper zijn rechten jegens de eindverkoper heeft uitgeoefend, moet hij verhaal kunnen nemen op zijn voorschakel zodat hij niet met de aansprakelijkheid ‘blijft zitten’. De regeling beoogt dat de voor het gebrek verantwoordelijke partij uiteindelijk aansprakelijk is. Duitsland heeft op 1 januari 2018 enkele aanpassingen in het BGB doorgevoerd en ook het recht van verhaal aangepast.
      Door de aanstaande invoering van twee nieuwe richtlijnen zullen de rechten van de consumentkoper aanzienlijk worden versterkt. Ook deze richtlijnen voorzien in een recht van verhaal voor de eindverkoper. De nieuwe regeling is gelijk aan de huidige Europese regeling, die aan duidelijkheid te wensen overlaat. Hoe de regeling in de praktijk uitpakt, blijft ook in de toekomst ongewis. Het effectiviteitsbeginsel brengt mee dat bij de uitoefening van het recht van verhaal de consumentenrechten ook door de eindverkoper moeten kunnen worden ingeroepen.

  • Auteursinformatie

    Mr. T.J.K. van Santen

    Mr. T.J.K. van Santen is senior jurist Contractueel bij DAS en doet een promotieonderzoek aan de Open Universiteit (promotoren T.H.M. van Wechem en J.G.J. Rinkes) naar het recht van verhaal als bedoeld in artikel 7:25 BW.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Civielrechtelijke aspecten van de schadevergoedingsmaatregel

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2018
Trefwoorden schadevergoedingsmaatregel, pluraliteit van schuldeisers, verdeling, alternatieve vergoedingsplicht, toekomstige vordering
Auteurs Mr. I.C. Engels en Mr. G.C. Nieuwland
  • Samenvatting

      In hun artikel bespreken de auteurs een bijzondere figuur: de schadevergoedingsmaatregel ex art. 36f Sr, een strafrechtelijke maatregel die in belangrijke mate wordt vastgesteld aan de hand van civielrechtelijke maatstaven. Zij behandelen de verhouding tussen de vorderingen van de Staat en het slachtoffer op de dader, de positie van de dader en de kwalificatie van de vordering van het slachtoffer op de Staat (mogelijkheden van overdracht, verpanding en beslag).

  • Auteursinformatie

    Mr. I.C. Engels

    Mr. I.C. Engels is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.

    Mr. G.C. Nieuwland

    Mr. G.C. Nieuwland is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Access_openDe relativiteit van een energielabel: EnergyClaim/Staat

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden relativiteitsvereiste, overheidsaansprakelijkheid, lidstaataansprakelijkheid, rechten toekennen aan particulieren, energielabel
Auteurs Mr. R. Meijer
  • Samenvatting

      Dit artikel bespreekt het arrest van het Gerechtshof Den Haag van 11 april 2017 waarin de vorderingen van de Stichting EnergyClaim tegen de Nederlandse Staat tot schadevergoeding wegens een onjuiste implementatie van het Unierecht op het gebied van het verplichte energieprestatiecertificaat zijn afgewezen. De afwijzing van de vorderingen door het hof is met name gebaseerd op het Europese en Nederlandse relativiteitsvereiste. De auteur plaatst enkele kanttekeningen bij dit oordeel.

  • Auteursinformatie

    Mr. R. Meijer

    Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO MEIJER CITTEUR te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Access_openEen redelijke uitkomst als leidraad voor afbakening van de Peeters/Gatzen-vordering

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2018
Trefwoorden insolventierecht, Peeters/Gatzen-vordering, schuldeisersbenadeling, Rosbeek-arrest, redelijkheidstoets
Auteurs Mr. P.J. Hooghoudt en Mr. D.C. van Sisseren-Roessingh
  • Samenvatting

      De auteurs bespreken naar aanleiding van het recente Rosbeek-arrest enkele onduidelijkheden over de aard en reikwijdte van de Peeters/Gatzen-vordering en betogen dat een redelijkheidstoets wenselijk is als (deel)criterium of leidraad voor toekenning van instellingsbevoegdheid daarvan aan de curator.

  • Auteursinformatie

    Mr. P.J. Hooghoudt

    Mr. P.J. Hooghoudt is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam.

    Mr. D.C. van Sisseren-Roessingh

    Mr. D.C. van Sisseren-Roessingh is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam.

Tijdschrift Contracteren
Impressies

Wat is de impact van de Algemene Verordening Gegevensbescherming van de EU op internationale franchiseovereenkomsten?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Algemene Verordening Gegevensbescherming, Franchiseovereenkomsten, Nationaal en internationaal contracteren, E-commerce, Bescherming persoonsgegevens
Auteurs Mr. M. de Koning en Mr. dr. H.H. de Vries
  • Samenvatting

      De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) zal per ingang van 25 mei 2018 van toepassing zal zijn in alle EU-lidstaten. Het artikel zet de belangrijkste veranderingen die de AVG met zich meebrengt en de betekenis voor franchiseovereenkomsten uiteen. In het kort verruimt de AVG de rechten van betrokkenen (natuurlijke personen) op basis van hun fundamentele recht op gegevensbescherming en scherpt het de verplichtingen aan van de bij verwerking van persoonsgegevens betrokken ondernemingen. Ook verzwaart de Verordening het sanctieregime.
      Voor de meeste franchisegevers en franchisenemers geldt dat zij persoonsgegevens verwerken en dus te maken krijgen met het regime van de AVG. De meeste franchisenetwerken maken gebruik van loyaltyprogramma’s en digitale marketingmethodes. Ook komt het in de praktijk voor dat franchisegevers en franchisenemers in geschillen terechtkomen over wie de gegevens met betrekking tot de klanten van de franchisenemers mag gebruiken, tijdens of na beëindiging van de franchiserelatie. Wij behandelen de basisbeginselen van de AVG, de vereisten voor een rechtmatige verwerking van persoonsgegevens, de nieuwe verplichtingen en rechten van betrokkenen. Teneinde aan de AVG te kunnen voldoen, moeten franchisegevers en franchisenemers onder meer de gegevensverwerking van in franchisesystemen in kaart brengen en moeten zij rolduidelijkheid scheppen: wie is de verantwoordelijke en wie is eventuele verwerker jegens de betrokken natuurlijke personen?
      Het artikel concludeert dat de meeste internationaal gebruikte standaard franchiseovereenkomsten vrij veel aanpassingen behoeven om aan de vereisten van de AVG te voldoen. Momenteel zijn de rollen van franchisegevers en franchisenemers en de activiteiten voor bescherming van persoonsgegevens in de franchiseketen niet duidelijk bepaald en vastgelegd. Dan blijft dikwijls in het midden welke partij voor de naleving van de AVG verantwoordelijk is. Niet-naleving kan tot hoge boetes, civielrechtelijek aansprakelijkheid en/of reputatieschade van het gehele franchisenetwerk leiden. De AVG is ook relevant voor buiten de EU gevestigde franchisegevers. Ongeacht of de verwerking van persoonsgegevens in de EU plaatsvindt, is de AVG van toepassing op de verwerking in de context van activiteiten van een vestiging van een verwerkingsverantwoordelijke of een verwerker in de EU.
      Er is voorts nog een e-Privacy Verordening in de maak. Deze zal op het punt van profilering, e-marketing, behavioral advertising en geo-targeting aanvullende eisen stellen.

  • Auteursinformatie

    Mr. M. de Koning

    Mr. M. de Koning is advocaat/partner bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam en hoofd van de sectie Commercial.

    Mr. dr. H.H. de Vries

    Mr. dr. H.H. de Vries is advocaat/partner bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam en hoofd van de sectie Privacy.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Artikel

Naar een verzekerd slachtofferrecht: onderzoek naar effectief schadeverhaal van slachtoffers van misdrijven via het private verzekeringsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2017
Trefwoorden vergoeding van misdrijfschade, WA-verzekering dader, vergoedingsmogelijkheden buiten strafproces, gewelds- en zedenmisdrijven, slachtoffers
Auteurs Mr. A.J.J.G. Schijns
  • Samenvatting

      De praktijk laat zien dat de huidige schadevergoedingsmogelijkheden voor slachtoffers van misdrijven tekortschieten. Als gevolg daarvan blijft een deel van de slachtoffers en nabestaanden van ernstige gewelds- en zedenmisdrijven met niet te verhalen schade zitten. Dit artikel bevat een samenvatting van recent onderzoek dat een kansrijke oplossing aanreikt waarbij slachtoffers van ernstige gewelds- en zedenmisdrijven en hun nabestaanden de schade vergoed kunnen krijgen via de aansprakelijkheidsverzekeraar van de dader.

  • Auteursinformatie

    Mr. A.J.J.G. Schijns

    Mr. A.J.J.G. Schijns is onderzoeker aan de VU en advocaat bij Beer advocaten te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Letselschade en fraude: bezint eer ge begint …

Over fraude door een benadeelde met letselschade: de (on)mogelijkheden met betrekking tot persoonlijk onderzoek, het bewijzen van fraude en schadevergoeding

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2017
Trefwoorden gedragscode, Gedragscode Persoonlijk Onderzoek, privaatrechtelijke boete, punitive damages
Auteurs Mr. J. van de Klashorst
  • Samenvatting

      Verzekeraars krijgen steeds meer te maken met fraude door een benadeelde met letselschade. Kan de verzekeraar in zo’n geval onderzoek naar de benadeelde verrichten? Zo ja, wat is dan de aard van dit onderzoek en hoe ver mag dit onderzoek gaan? En wat te doen als de fraude is vastgesteld? Deze bijdrage beschrijft de (on)mogelijkheden.

  • Auteursinformatie

    Mr. J. van de Klashorst

    Mr. J. van de Klashorst is advocaat bij Joosten Advocaten te Amsterdam.

Tijdschrift Contracteren
Praktijk

Het wetsvoorstel franchise: better think twice!

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Franchise, Uitleg, Dwaling, NFC
Auteurs Prof. mr. H.N. Schelhaas en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
  • Samenvatting

      Op 12 april 2017 heeft minister Kamp een wetsvoorstel voor de wettelijke verankering van de franchisecode in internetconsultatie gebracht. De schrijvers bespreken dit wetsvoorstel kritisch en menen dat het wetsvoorstel inhoudelijk de toets der kritiek niet kan doorstaan. De wetgever wordt opgeroepen een meer doordacht wetsvoorstel te concipiëren.

  • Auteursinformatie

    Prof. mr. H.N. Schelhaas

    Prof. mr. H.N. Schelhaas is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

    Mr. drs. J.H.M. Spanjaard

    Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

Tijdschrift Contracteren
Discussie

De uitleg van een olympische Topsportersovereenkomst: Van Gelder/NOC*NSF onder de loep

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Topsportovereenkomst, Uitleg, Haviltex, Bindende partijbeslissing, Van Gelder/NOC*NSF
Auteurs Mr. M.A. de Vlieger
  • Samenvatting

      In Van Gelder/NOC*NSF heeft de rechter marginaal getoetst of NOC*NSF in redelijkheid tot zijn besluit had kunnen komen om Van Gelder uit te sluiten van verdere deelname aan de Olympische Spelen. De auteur analyseert de juistheid van die normtoepassing. Hij concludeert dat een onjuiste maatstaf is toegepast; tussen partijen gold een Topsportersovereenkomst, en uitleg van die overeenkomst met toepassing van de Haviltex-norm was geboden. Het artikel is relevant voor NOC*NSF en atleten: dient NOC*NSF zijn contracten met olympische atleten te herzien en waar moeten atleten zich van vergewissen?

  • Auteursinformatie

    Mr. M.A. de Vlieger

    Mr. M.A. de Vlieger is advocaat bij BASE Advocaten in Rotterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

De relativiteit van wettelijke normen en de toepassing van de vereisten van causaliteit, relativiteit en toerekening bij de onrechtmatige overheidsdaad

Bespreking van de proefschriften van mr. P.W. den Hollander en mr. L. Di Bella

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2017
Trefwoorden relativiteitsvereiste, correctie Langemeijer, causaliteit, toerekening naar verkeersopvattingen, onrechtmatige overheidsdaad
Auteurs Mr. R. Meijer
  • Samenvatting

      In deze (dubbel)recensie worden de proefschriften besproken van Di Bella (De toepassing van de vereisten van causaliteit, relativiteit en toerekening bij de onrechtmatige overheidsdaad) en Den Hollander (De relativiteit van wettelijke normen). Hoewel de auteur het niet op alle onderdelen eens is met de bevindingen, is hij van oordeel dat beide proefschriften het debat over relativiteit en, in het geval van Di Bella, overheidsaansprakelijkheid, onmiskenbaar verder hebben gebracht.

  • Auteursinformatie

    Mr. R. Meijer

    Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO MEIJER CITTEUR te Amsterdam.

Tijdschrift Markt & Mededinging
Artikel

Verplichte sportarbitrage als uitbuitingsmisbruik: de Pechstein-zaak door de lens van artikel 102 VWEU

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Claudia Pechstein, arbitrageclausule, Hof van Arbitrage voor Sport, artikel 102 VWEU, misbruik
Auteurs Ben Van Rompuy
  • Samenvatting

      Met zijn uitspraak in de Pechstein-zaak legde het Duitse Oberlandesgericht München (OLG) een bom onder de fundamenten van de internationale sportrechtspraak. Volgens het OLG maakte de Internationale Schaatsunie misbruik van haar machtspositie door aan de schaatser Claudia Pechstein een arbitrageclausule ten gunste van het Hof van Arbitrage voor Sport (CAS) verplicht op te leggen. Hoewel het OLG enkel nationaal mededingingsrecht toepaste, analyseren we in deze bijdrage de zaak vanuit het perspectief van het Europees mededingingsrecht. Immers, indien het eenzijdig opleggen van CAS-arbitrageclausules – een gangbare praktijk van internationale sportbonden – ook misbruik vormt in de zin van artikel 102 VWEU, zouden de praktische implicaties voor de toekomst van het CAS nog verregaander zijn.

  • Auteursinformatie

    Ben Van Rompuy

    Prof. dr. B. Van Rompuy is onderzoeker bij het T.M.C. Asser Instituut en gastdocent mededingingsbeleid aan de Vrije Universiteit Brussel.

Toont 1 - 20 van 72 gevonden teksten
« 1 3 4