Zoekresultaten

Zoekresultaat:
544 artikelen
x
Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Hoge Raad gooit wettelijke limiet overboord

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2018
Trefwoorden vervoerrecht, personenvervoer, aansprakelijkheidslimiet, redelijkheid en billijkheid, toetsing
Auteurs Mr. J.J. Kappert
  • Samenvatting

      De aansprakelijkheid van de vervoerder voor letsel van passagiers is wettelijk beperkt. Kan de redelijkheid en billijkheid in de weg staan aan een beroep op de aansprakelijkheidslimiet? Mag een rechter de limiet wel toetsen? Deze vragen staan centraal in een wonderbaarlijk arrest van 18 mei 2018.

  • Auteursinformatie

    Mr. J.J. Kappert

    Mr. J.J. Kappert is werkzaam als advocaat bij Kappert Legal te Amersfoort.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

De betekenis van de CROW-Richtlijnzorgvuldig graafproces bij kabel- en leidingschades

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2018
Trefwoorden onrechtmatige daad, leidingschades, CROW-Richtlijn, NEN-normen, omkeringsregel
Auteurs Mr. L.K. de Haan en Mr. A. Hanegraaf
  • Samenvatting

      De Hoge Raad kent een groot gewicht toe aan de CROW-Richtlijn ‘Zorgvuldig graafproces’. De adviezen in de Richtlijn moeten in principe gewoonweg worden opgevolgd, op straffe van aansprakelijkheid. Een vergelijking wordt gemaakt met zaken over wegbeheerdersaansprakelijkheid (waarin CROW-richtlijnen eveneens een grote rol spelen) en met de NEN-normen. Ook wordt aandacht besteed aan de bewijslastverdeling.

  • Auteursinformatie

    Mr. L.K. de Haan

    Mr. L.K. de Haan is advocaat bij V&A Advocaten te Rotterdam.

    Mr. A. Hanegraaf

    Mr. A. Hanegraaf is advocaat bij V&A Advocaten te Rotterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Wetenschap

Het trustkantoor als bestuurder en ‘omgaan’ in het bestuurdersaansprakelijkheidsrecht (HR 30 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:470)

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2018
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, taakverdeling, stelplicht, collegialiteitsbeginsel, bewaarnemingsrol
Auteurs Mr. dr. W.A. Westenbroek
  • Samenvatting

      In deze bijdrage vervolgt de auteur zijn kritiek op de rechtspraak van de Hoge Raad over het bestuurdersaansprakelijkheidsrecht, nu naar aanleiding van een recent arrest waarin een trustbestuurder door derden werd aangesproken. De auteur constateert dat te veel gewicht is toegekend aan de taakverdeling binnen het bestuur en dat de stelplicht die bij externe bestuurdersaansprakelijkheid zou moeten gelden, is miskend. Daarnaast laat de auteur zien dat bij de beoordeling van externe aansprakelijkheid van bestuurders van buitenlandse rechtspersonen tevens dient te worden gekeken naar de wettelijke normen die volgens het recht van die buitenlandse rechtspersonen op bestuurders rusten.

  • Auteursinformatie

    Mr. dr. W.A. Westenbroek

    Mr. dr. W.A. (Winand) Westenbroek is advocaat bij Westlegal te Amsterdam en tevens verbonden aan de Erasmus School of Law.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Jurisprudentie

De Hoge Raad over het recht op inzage van de patiënt in de medische analyse van een adviseur van de aansprakelijkheidsverzekeraar van het ziekenhuis

HR 16 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:365

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2018
Trefwoorden artikel 843a Rv, artikel 35 Wbp, inzagerecht, medisch advies
Auteurs Mr. ir. J.P.M. Simons
  • Samenvatting

      Na door een patiënt aansprakelijk te zijn gesteld, heeft de aansprakelijkheidsverzekeraar van het ziekenhuis, zonder medeweten van de patiënt, een radioloog geraadpleegd. Op grond van artikel 843a Rv vordert de patiënt bij het Hof Amsterdam inzage in de medische analyse van de radioloog, daarbij nadrukkelijk refererend aan het inzagerecht op grond van de Wbp. Het hof wijst de vordering af. De Hoge Raad bekrachtigt dit oordeel. De medische analyse van de radioloog betreft geen persoonsgegevens in de zin van Richtlijn 95/46/EG. Op grond van de Wbp komt de patiënt daarom geen recht toe op inzage in de medische analyse.

  • Auteursinformatie

    Mr. ir. J.P.M. Simons

    Mr. ir. J.P.M. Simons is advocaat bij Leijnse Artz te Rotterdam.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Artikel

Access_openHet hoger beroep inzake het schietincident in Alphen aan den Rijn: hoe gerechtigheid zegevierde, en de geest in de fles bleef

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2018
Trefwoorden secundaire aansprakelijkheid, Alphen aan den Rijn, schietpartij, relativiteit, zorgplicht
Auteurs Mr. K.L. Maes
  • Samenvatting

      Op 27 maart 2018 is de politie door het Gerechtshof Den Haag aansprakelijk gehouden voor de door de slachtoffers en nabestaanden geleden letsel- en overlijdensschade vanwege het ten onrechte verstrekken van de wapenvergunning aan Tristan van der V., nadat deze aansprakelijkheid eerder op relativiteitsgronden strandde bij de Rechtbank Den Haag. In het onderhavige artikel worden beide uitspraken besproken en de afwijkende oordelen tegen elkaar afgezet. De kritieken waarmee met name het vonnis is ontvangen, geven bovendien aanleiding om de daarmee verweven secundaire aansprakelijkheidsproblematiek nader onder de loep te nemen. Want waarom hield de rechtbank de aansprakelijkheidsdeur zo krampachtig dicht, en zet het hof deze desondanks (meer) open?

  • Auteursinformatie

    Mr. K.L. Maes

    Mr. K.L. Maes is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht en als buitenpromovenda verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) van de Universiteit Utrecht. Zij werkt aan een proefschrift over de zorgplicht van secundaire, private partijen jegens bezoekers van openbare ruimten.

Tijdschrift Contracteren
Over de grens

Het recht van verhaal van de eindverkoper: in Duitsland, in Nederland en in de toekomst

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2018
Trefwoorden consumentenkoop, recht van verhaal, beknelde eindverkoper, regresrecht, voorschakel
Auteurs Mr. T.J.K. van Santen
  • Samenvatting

      Het recht van verhaal is in Nederland geregeld in artikel 7:25 BW en beoogt de beknelde eindverkoper te beschermen. Wanneer een consumentkoper zijn rechten jegens de eindverkoper heeft uitgeoefend, moet hij verhaal kunnen nemen op zijn voorschakel zodat hij niet met de aansprakelijkheid ‘blijft zitten’. De regeling beoogt dat de voor het gebrek verantwoordelijke partij uiteindelijk aansprakelijk is. Duitsland heeft op 1 januari 2018 enkele aanpassingen in het BGB doorgevoerd en ook het recht van verhaal aangepast.
      Door de aanstaande invoering van twee nieuwe richtlijnen zullen de rechten van de consumentkoper aanzienlijk worden versterkt. Ook deze richtlijnen voorzien in een recht van verhaal voor de eindverkoper. De nieuwe regeling is gelijk aan de huidige Europese regeling, die aan duidelijkheid te wensen overlaat. Hoe de regeling in de praktijk uitpakt, blijft ook in de toekomst ongewis. Het effectiviteitsbeginsel brengt mee dat bij de uitoefening van het recht van verhaal de consumentenrechten ook door de eindverkoper moeten kunnen worden ingeroepen.

  • Auteursinformatie

    Mr. T.J.K. van Santen

    Mr. T.J.K. van Santen is senior jurist Contractueel bij DAS en doet een promotieonderzoek aan de Open Universiteit (promotoren T.H.M. van Wechem en J.G.J. Rinkes) naar het recht van verhaal als bedoeld in artikel 7:25 BW.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Wetenschap

Access_openThird party litigation funding

De voordelen, aandachtspunten en aanbevelingen om risico’s te beheersen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden third party litigation funding, litigation funding, procesfinanciering
Auteurs Mr. dr. A. van der Krans
  • Samenvatting

      Third party litigation funding (TPLF, of procesfinanciering door derden) is de rechtsverhouding waarbij een derde zich tegen een in het vooruitzicht gestelde beloning verplicht om een eiser in een civiele procedure of arbitrage van financiering te voorzien om de kosten van procederen te dekken. TPLF kan de toegang tot de rechter vergroten, de onderhandelingskracht vergroten, een preventief effect hebben en een one-shot player laten transformeren in een repeat player. Een deel van de bezwaren tegen procesfinanciering is ongefundeerd, of overdreven. Omdat procesfinanciers hoge eisen stellen aan de (ver)haalbaarheid, omvang en beperking van risico’s is het onwaarschijnlijk dat TPLF zal leiden tot een claimcultuur. TPLF zorgt wel voor een driepartijenverhouding, die mogelijk voor complicaties kan zorgen. Ook kan TPLF grote consequenties voor de gefinancierde hebben, zeker in een volledig ongereguleerde markt als de Nederlandse. Grotere partijen moeten over het algemeen worden geacht deze consequenties te kunnen overzien en daarop te kunnen anticiperen. Consumenten en kleinere partijen zouden echter meer bescherming behoeven. Een gedragscode kan hierbij behulpzaam zijn en helpen misstanden op voorhand te voorkomen. Als deze handschoen door procesfinanciers in Nederland wordt opgepakt, kan TPLF een nuttige bijdrage leveren aan de borging van de toegang tot het recht.

  • Auteursinformatie

    Mr. dr. A. van der Krans

    Mr. dr. A. (Anatoli) van der Krans is advocaat bij Corona Legal te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Wetenschap en praktijk

Uitwinning van pandrecht op aandelen – hoe staat het ermee?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden uitwinning, pandrecht op aandelen, beslag, Herstructurering, parate executie
Auteurs Mr. B.N. Mwangi en Mr. S.C.P. Verhelst
  • Samenvatting

      Pandrechten op aandelen zijn veelvuldig onderdeel van het zekerhedenpakket dat aan financiers wordt verstrekt. De uitwinning van deze pandrechten lijkt relatief weinig voor te komen. De wettelijke regels daaromtrent zijn summier en de beschikbare jurisprudentie over dit onderwerp is beperkt. Recentelijk zijn echter de Solutus-zaak (Rb. Amsterdam 19 juni 2016, JOR 2017/301 m.nt. P.H.N. Quist) en de Sawgrass-zaak (Rb. Amsterdam 10 oktober 2017, JOR 2018/75 m.nt. T. Hutten) gepubliceerd. Mede aan de hand van deze uitspraken zetten de auteurs uiteen wat de stand van zaken is met betrekking tot de uitwinning van een pandrecht op aandelen en hoe hieraan in de praktijk invulling wordt gegeven.

  • Auteursinformatie

    Mr. B.N. Mwangi

    Mr. B.N. (Bianca) Mwangi is advocaat bij Stek Advocaten te Amsterdam.

    Mr. S.C.P. Verhelst

    Mr. S. (Stéphanie) Verhelst is advocaat bij Stek Advocaten te Amsterdam.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Artikel

De actualiteit en toekomst van de toepassing van whiplashjurisprudentie buiten whiplashzaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2018
Trefwoorden whiplash, niet-whiplashzaken, causaal verband, elektrocutie, hondenbeet
Auteurs Mr. S. Boer en Mr. C. van der Roest
  • Samenvatting

      Steeds vaker wordt in niet-whiplashzaken een beroep gedaan op de zogenaamde whiplashjurisprudentie. Met een beroep op de redeneringen uit deze jurisprudentie wordt door benadeelden getracht om het bestaan van veelal substraatloze klachten en het (juridisch) causaal verband tussen deze klachten en beperkingen en het incident aan te tonen. Is toepassing van de whiplashjurisprudentie in niet-whiplashzaken gerechtvaardigd, of is daarmee het spreekwoordelijke hek van de dam? Door middel van een analyse van de whiplashjurisprudentie en recente jurisprudentie in niet-whiplashzaken komen de auteurs tot de conclusie dat een juiste toepassing van de zogenoemde causaliteitsregels uit de whiplashjurisprudentie in niet-whiplashzaken tot rechtvaardige uitkomsten leidt, mits men daarbij de hoofdregel en de beginselen van het bewijsrecht niet uit het oog verliest.

  • Auteursinformatie

    Mr. S. Boer

    Mr. S. Boer is advocaat bij SAP Letselschade Advocaten.

    Mr. C. van der Roest

    Mr. C. van der Roest is advocaat bij SAP Letselschade Advocaten.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Jurisprudentie

Nieuw licht op de arbeidsrechtelijke omkeringsregel?

HR 6 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:536

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2018
Trefwoorden aansprakelijkheidsrecht, werkgeversaansprakelijkheid, asbest, arbeidsrechtelijke omkeringsregel
Auteurs Mr. Veneta Oskam
  • Samenvatting

      Bij beantwoording van de vraag of causaal verband aanwezig is tussen de asbestblootstelling en het ontstaan van mesothelioom, en of ter vaststelling hiervan de arbeidsrechtelijke omkeringsregel moet worden toegepast, is – overeenkomstig de arresten HR 7 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ1717 (SVB/Van der Wege) en ECLI:HR:2013:BZ1721 (Lansink/Ritsma) – van belang dat het verband tussen de gezondheidsschade en de arbeidsomstandigheden niet te onzeker dan wel te onbepaald dient te zijn. De Hoge Raad bekrachtigt het oordeel van het hof dat de enkele blootstelling aan asbest onvoldoende is om toepassing te geven aan de omkeringsregel. De in de eerdergenoemde arresten vastgestelde regels gelden ook bij schade als gevolg van mesothelioom. Ook hier kan het causaal verband te onzeker of te onbepaald zijn wanneer de werknemer ook buiten de werkzaamheden aan asbest blootgesteld is geweest. Daarom komt, gelet op hetgeen in het algemeen bekend is omtrent de ziekte mesothelioom en haar oorzaak, betekenis toe aan (1) de duur en de intensiteit van de blootstelling bij deze werkgever, en in voorkomend geval (2) de duur en de intensiteit van andere blootstelling(en) aan asbest gedurende de latentieperiode en (3) de verhouding tussen (1) en (2).

  • Auteursinformatie

    Mr. Veneta Oskam

    Mr. V. Oskam is werkzaam als advocaat bij V&A Advocaten te Rotterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Scheidslijnen tussen kansschade, proportionele aansprakelijkheid en de omkeringsregel

Enkele praktische opmerkingen over verschillen tussen deze drie leerstukken naar aanleiding van HR 27 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2786

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2018
Trefwoorden aansprakelijkheid, bewijs, kansschade, beroepsfout, schade
Auteurs Mr. J. den Hoed
  • Samenvatting

      Het hier te bespreken arrest, waarin aan de orde was of een ziekenhuis aansprakelijk is voor schade als gevolg van een te laat uitgevoerde operatie, geeft aanleiding voor enkele gedachten over en praktische wenken voor de afbakening van kansschade, proportionele aansprakelijkheid en de omkeringsregel ten opzichte van elkaar. De drie figuren komen hier samen. Getracht wordt de grenzen nader in kaart te brengen.

  • Auteursinformatie

    Mr. J. den Hoed

    Mr. J. den Hoed is cassatieadvocaat bij Köster Advocaten te Haarlem.

Tijdschrift Caribisch Juristenblad
Artikel

Access_openToepassing van de pre-pack in Curaçao: wat zijn de spelregels?

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2018
Trefwoorden pre-pack, Faillissementsbesluit 1931, Curaçaose Dok Maatschappij, doorstart, curator
Auteurs Mr. R.M. Bottse
  • Samenvatting

      In deze bijdrage staat de pre-packprocedure centraal die is voorafgegaan aan de doorstart van de naamloze vennootschap Curaçaose Dok Maatschappij N.V. Pre-packrichtlijnen scheppen duidelijkheid omtrent het wanneer, waarom en hoe rondom de toepassing van pre-packs. In de richtlijnen zal voor de beoogd curator een stevige rol moeten zijn weggelegd in het voorkomen van diverse aansprakelijkheidsrisico’s. De auteur moedigt het gerecht daarom aan serieus werk te maken van het ontwerpen van pre-packrichtlijnen. Het verdient aanbeveling om daarbij door middel van een consultatieronde de mening van curatoren en andere insolventierechtbeoefenaren te peilen.

  • Auteursinformatie

    Mr. R.M. Bottse

    Mr. R.M. Bottse is advocaat bij HBN Law.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Civielrechtelijke aspecten van de schadevergoedingsmaatregel

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2018
Trefwoorden schadevergoedingsmaatregel, pluraliteit van schuldeisers, verdeling, alternatieve vergoedingsplicht, toekomstige vordering
Auteurs Mr. I.C. Engels en Mr. G.C. Nieuwland
  • Samenvatting

      In hun artikel bespreken de auteurs een bijzondere figuur: de schadevergoedingsmaatregel ex art. 36f Sr, een strafrechtelijke maatregel die in belangrijke mate wordt vastgesteld aan de hand van civielrechtelijke maatstaven. Zij behandelen de verhouding tussen de vorderingen van de Staat en het slachtoffer op de dader, de positie van de dader en de kwalificatie van de vordering van het slachtoffer op de Staat (mogelijkheden van overdracht, verpanding en beslag).

  • Auteursinformatie

    Mr. I.C. Engels

    Mr. I.C. Engels is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.

    Mr. G.C. Nieuwland

    Mr. G.C. Nieuwland is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Persoonlijke zekerheden bij concernfinanciering: ongerechtvaardigde vermenigvuldiging van vorderingen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2018
Trefwoorden concernfinanciering, hoofdelijkheid, faillissement, persoonlijke zekerheden, art. 136 Fw
Auteurs Mr. A.L. Jonkers
  • Samenvatting

      In dit artikel bespreekt de auteur kritisch de fundamentele vraag hoe gerechtvaardigd kan worden dat de professionele crediteur ook in faillissement tegen elke hoofdelijk aansprakelijke groepsmaatschappij een vordering geldend kan maken, terwijl het bedrag maar één keer uitgeleend is.

  • Auteursinformatie

    Mr. A.L. Jonkers

    Mr. A.L. Jonkers is docent/onderzoeker bij het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Beroepsaansprakelijkheid advocaten: een update

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2018
Trefwoorden advocaat, beroepsaansprakelijkheid, zorgplicht, tegenstrijdig belang, waarschuwingsplicht en onderzoeksplicht
Auteurs Mr. E.M. van Orsouw en Mr. L.A. Godwaldt
  • Samenvatting

      De inhoud van de zorgplicht van de advocaat wordt mettertijd nader ingevuld door arresten van de Hoge Raad. Eind 2017 heeft de Hoge Raad wederom twee arresten gewezen over deze zorgplicht. Naar aanleiding van deze arresten maken auteurs enkele beschouwende opmerkingen over de onderzoeks- en waarschuwingsplicht (ook buiten de aan de advocaat verstrekte opdracht) en over de vraag wanneer sprake kan zijn van een (dreigend) belangenconflict.

  • Auteursinformatie

    Mr. E.M. van Orsouw

    Mr. E.M. van Orsouw is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

    Mr. L.A. Godwaldt

    Mr. L.A. Godwaldt is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Access_openDe relativiteit van een energielabel: EnergyClaim/Staat

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden relativiteitsvereiste, overheidsaansprakelijkheid, lidstaataansprakelijkheid, rechten toekennen aan particulieren, energielabel
Auteurs Mr. R. Meijer
  • Samenvatting

      Dit artikel bespreekt het arrest van het Gerechtshof Den Haag van 11 april 2017 waarin de vorderingen van de Stichting EnergyClaim tegen de Nederlandse Staat tot schadevergoeding wegens een onjuiste implementatie van het Unierecht op het gebied van het verplichte energieprestatiecertificaat zijn afgewezen. De afwijzing van de vorderingen door het hof is met name gebaseerd op het Europese en Nederlandse relativiteitsvereiste. De auteur plaatst enkele kanttekeningen bij dit oordeel.

  • Auteursinformatie

    Mr. R. Meijer

    Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO MEIJER CITTEUR te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Een eerste stap in de implementatie van de herziene Aandeelhoudersrichtlijn

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden aandeelhoudersrechten, beloningsbeleid, transparantie, langetermijnbetrokkenheid, corporate governance
Auteurs Mr. T.C.A. Dijkhuizen
  • Samenvatting

      In deze bijdrage staat het door de wetgever gepubliceerde Voorontwerp ter implementatie van de Aandeelhoudersrichtlijn, alsmede de langetermijnbetrokkenheid van aandeelhouders centraal. De auteur besteedt hierbij ook aandacht aan enige consultatiereacties van diverse Nederlandse stakeholders.

  • Auteursinformatie

    Mr. T.C.A. Dijkhuizen

    Mr. T.C.A. Dijkhuizen is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en als promovendus verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht en het Hazelhoff Centre for Financial Law van Universiteit Leiden.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Praktijk

De betekenis van decharge voor stichtingbestuurders en -toezichthouders

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2018
Trefwoorden decharge, stichting, raad van bestuur/stichtingbestuurders, raad van toezicht/toezichthouders, tegenstrijdig belang
Auteurs Mr. M. de Jong
  • Samenvatting

      Dit artikel neemt decharge van stichtingbestuurders en -toezichthouders onder de loep. Allereerst komt decharge bij vennootschappen (NV en BV) en de betekenis daarvan aan de orde. Daarna volgt een uiteenzetting van de wijze waarop stichtingen in de praktijk (kunnen) omgaan met decharge en de betekenis die daaraan kan worden toegekend. Afgesloten wordt met enkele suggesties over hoe de praktijk kan omgaan met decharge van stichtingbestuurders en -toezichthouders. Ik kom tot de conclusie dat voor stichtingen een wettelijke bepaling zoals voor de NV en BV in combinatie met (statutaire) modelregelingen tekort zal schieten. Het verdient mijns inziens aanbeveling om een algemene wettelijke bepaling over decharge op te nemen in het algemeen deel van Boek 2 BW.

  • Auteursinformatie

    Mr. M. de Jong

    Mr. M. de Jong is advocaat bij AKD te Amsterdam.

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht
Artikel

De aanwijzing aan de vereffenaar op grond van artikel 4:210 lid 1 BW

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2018
Trefwoorden aanwijzing, instructie, kantonrechter, artikel 4:210 BW, vereffenaar/vereffening
Auteurs Mr. S.R. Baetens
  • Samenvatting

      Op grond van artikel 4:210 BW kan de kantonrechter of benoemde rechter-commissaris aan de vereffenaar aanwijzingen geven, die deze dient op te volgen. In de praktijk wordt nog tamelijk weinig gebruik gemaakt van de mogelijkheid de kantonrechter om een aanwijzing of instructie voor de vereffenaar te verzoeken. In dit artikel gaat de auteur in op de mogelijkheden van artikel 4:210 BW voor de kantonrechter, de vereffenaar en de belanghebbenden. Daarbij wordt aandacht besteed aan de ambtshalve aanwijzing, de vraag wie in welke situaties om een aanwijzing aan de vereffenaar kan verzoeken, en wat de status van die aanwijzing is. Voorts wordt ingegaan op de procedurele aspecten van het verzoek om een aanwijzing.

  • Auteursinformatie

    Mr. S.R. Baetens

    Mr. S.R. Baetens is advocaat en vFAS-scheidingsmediator bij SCG Advocaten te Eindhoven.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Invulling van de norm waaraan een redelijk handelend en redelijk bekwaam notaris moet voldoen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2018
Trefwoorden beroepsaansprakelijkheid, notaris, zorgplichten, bewijs
Auteurs Mr. H.J. Delhaas en Mr. L.C. Dufour
  • Samenvatting

      De norm waaraan een redelijk handelend en redelijk bekwaam notaris moet voldoen, wordt aan de hand van vijf zorgverplichtingen besproken: de onderzoeksplicht, de wilscontrole, de informatieplicht, de bijzondere waarschuwingsplicht en de zorgplicht ten opzichte van derden. Hoe worden deze normen in de rechtspraak toegepast?

  • Auteursinformatie

    Mr. H.J. Delhaas

    Mr. H.J. Delhaas is advocaat bij WIJ advocaten te Amsterdam.

    Mr. L.C. Dufour

    Mr. L.C. Dufour is advocaat bij WIJ advocaten te Amsterdam.

Toont 1 - 20 van 544 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 27 28