Zoekresultaten

Zoekresultaat:
100 artikelen
x
Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Europerikelen: consequenties van uittreding uit de euro voor in euro’s luidende verbintenissen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2017
Trefwoorden euro, redenominatie, valutarisico, conversie, rekeneenheid
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
  • Samenvatting

      Onderzocht wordt of een Nederlandse leninggever een valutarisico loopt als hij uitzettingen heeft in euro’s in een ander Euroland en dat Euroland op enig moment de Eurozone verlaat en een nieuwe valuta invoert ter vervanging van de euro. Bepalend is daarbij welke valuta uiteindelijk als de contractvaluta moet worden aangemerkt.

  • Auteursinformatie

    Prof. mr. W.A.K. Rank

    Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar Financieel Recht aan de Universiteit Leiden en advocaat te Amsterdam.

Tijdschrift Caribisch Juristenblad
Artikel

Enkele opmerkingen over de invoering van de Curaçaose Landsverordening inzake concurrentie en de instelling van een Curaçaose mededingingsautoriteit

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2017
Trefwoorden mededingingsrecht, mededingingsautoriteit, Landsverordening Concurrentie, Fair Trade Authority Curaçao, handhaving
Auteurs Mr. dr. P.S. Bakker
  • Samenvatting

      In deze bijdrage staat het Curaçaose mededingingsrecht centraal. Er zal worden stilgestaan bij (i) de achtergronden voor invoering van de Landsverordening Concurrentie op Curaçao en de vraag in hoeverre kleinere jurisdicties als die van Curaçao (überhaupt) regels nodig hebben die de economische mededinging reguleren en aan banden leggen, (ii) de belangrijkste verschillen en overeenkomsten tussen de Landsverordening Concurrentie en de Nederlandse Mededingingswet en (iii) de vraag hoe de publiek- en privaatrechtelijke handhaving van de nieuwe landsverordening eruit zal (kunnen gaan) zien.

  • Auteursinformatie

    Mr. dr. P.S. Bakker

    Mr. dr. P.S. Bakker is werkzaam bij Spigt Dutch Caribbean en tevens verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. De auteur dankt mr. S. Tuinenga en prof. mr. L.J.J. Rogier voor hun advies en commentaar op een eerdere versie van dit artikel. Dit artikel is, in iets gewijzigde vorm, eerder verschenen in het tijdschrift Markt & Mededinging (M&M 2017, afl. 4).

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Niet-contractuele aansprakelijkheid Unie voor fouten Europese Ombudsman

Schending zorgvuldigheidsbeginsel en redelijke termijn altijd een voldoende gekwalificeerde schending?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2017
Trefwoorden Unieaansprakelijkheid, voldoende gekwalificeerde schending, overheidsaansprakelijkheid, lidstaataansprakelijkheid
Auteurs Mr. R. Meijer
  • Samenvatting

      In het arrest Staelen/Ombudsman heeft het Hof van Justitie geoordeeld over de aansprakelijkheid van de Europese Ombudsman. Het arrest is interessant vanwege de overwegingen over het vereiste van de voldoende gekwalificeerde schending. Dit heeft ook betekenis voor de situatie waarin de Nederlandse overheid in strijd handelt met het Unierecht.

  • Auteursinformatie

    Mr. R. Meijer

    Mr. R. Meijer is advocaat bij Zippro Meijer Citteur te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Casus

De Governancecode Zorg 2017

Wondermiddel, doekje voor het bloeden of een geschikt instrument?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Governancecode Zorg 2017, Corporate Governancecode 2016, Zorgbrede Governancecode, Corporate governance, Zorg
Auteurs Prof. mr. W.J. Oostwouder en Mr. F.L. Leijdesdorff
  • Samenvatting

      Op 15 december 2016 is de Governancecode Zorg 2017 aangeboden aan de cliëntenorganisaties binnen de zorg. De auteurs van dit artikel houden deze Code tegen het licht en vergelijken deze met de Zorgbrede Governancecode 2010 en de Corporate Governancecode 2016. Voorts beantwoorden zij de volgende vragen: (a) draagt de Code op een adequate wijze bij aan de vier speerpunten van het beleid van de minister van VWS; (b) hoe vernieuwend is de Code; (c) wat moet er in de bestuurskamer en de kamer van de raad van toezicht veranderen; en (d) vergroot de Code het aansprakelijkheidsrisico voor bestuurders en leden van de raad van toezicht?

  • Auteursinformatie

    Prof. mr. W.J. Oostwouder

    Prof. mr. W.J. Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel Recht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Loyens & Loeff en lid van het Zorgteam van dit kantoor en directeur/eigenaar van Meer Kennis, Juridische en Governance Opleidingen te Hoofddorp.

    Mr. F.L. Leijdesdorff

    Mr. F.L. Leijdesdorff is advocaat partner bij het Zorgteam van Loyens & Loeff.

Tijdschrift Caribisch Juristenblad
Artikel

Nieuw fiscaal procesrecht op de Caribische eilanden

Something old, something new

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2015
Trefwoorden fiscaal bestuursrecht, tweede feitelijke instantie, hertoetsing, cassatie, Curaçao
Auteurs Mr. D.G. Barmentlo en Mr. B. Jongmans
  • Samenvatting

      In de Caribische delen van het Koninkrijk overzee wordt in 2015, tien jaar na de invoering in Nederland, de tweede feitelijke instantie in belastingzaken ingevoerd. Daarmee wordt ook de mogelijkheid van cassatie bij de Hoge Raad der Nederlanden geopend. Op Aruba bestaat hoger beroep sinds 1 januari 2015. Per 30 juni 2015 hebben Bonaire, Sint Eustatius en Saba (de BES-eilanden) zich aangesloten bij de ‘Arubaanse regeling’. De verwachting is dat ook Curaçao en Sint Maarten snel, waarschijnlijk in 2015, zullen volgen. Cassatie bij de Hoge Raad is mogelijk zodra alle eilanden hoger beroep hebben ingevoerd.

  • Auteursinformatie

    Mr. D.G. Barmentlo

    Mr. D.G. Barmentlo is als advocaat-belastingkundige per 1 juli 2015 verbonden aan Jaegers & Soons advocaten te Amsterdam.

    Mr. B. Jongmans

    Mr. B. Jongmans is als advocaat-belastingkundige verbonden aan Gaming Legal Dutch Caribbean te Willemstad.

Tijdschrift Caribisch Juristenblad
Artikel

De tolk in het strafproces op Aruba

Aanbevelingen voor de wetgever en de praktijk

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Tolk, Artikel 6 lid 3 sub e EVRM, Artikel 348 lid 1 ASv, Processtukken, Rechtstaal
Auteurs Mr. S.V.V. Paul
  • Samenvatting

      Het recht van een verdachte op kosteloze bijstand van een tolk is van groot belang, aangezien de Arubaanse samenleving zeer multicultureel is en taalbarrières in de rechtszaal frequent voorkomen. Vragen die in dit artikel besproken worden zijn onder andere: wie is een tolk, welke stukken moeten voor de verdachte vertolkt/vertaald worden en vanaf wanneer ontstaat het recht van de verdachte op kosteloze bijstand van een tolk? De conclusie die wordt getrokken is dat de regeling van de kosteloze bijstand van een tolk in artikel 348 lid 1 ASv slechts in beperkte mate voldoet aan de eisen van artikel 6 EVRM. De wetgever is aan zet om dit recht in het nieuwe Wetboek van Strafvordering van Aruba op afdoende wijze te codificeren.

  • Auteursinformatie

    Mr. S.V.V. Paul

    Mr. S.V.V. Paul was onderzoekster bij de vakgroep straf- en strafprocesrecht van de Universiteit van Aruba.

Tijdschrift Caribisch Juristenblad
Artikel

Doorwerking van het Europees recht in de Arubaanse rechtsorde

Over de personele werking van de VEU en VWEU in verhouding tot het Nederlanderschap op Aruba

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2015
Trefwoorden nationaliteitsrecht, Europees burgerschap, prejudiciële verwijzing, Aruba, LGO
Auteurs N.C. Luk LLM
  • Samenvatting

      In dit artikel verdedigt de auteur het standpunt dat het Europees recht doorwerkt in de rechtsordes van landen en gebieden overzee. Aan de hand van twee argumenten – de personele werking van het Europees burgerschap en de uniforme toepassing van de RWN – wordt deze doorwerking onderbouwd voor het Nederlanderschap op Aruba. Verder wordt aangetoond dat deze doorwerking belangrijke gevolgen heeft voor de Arubaanse rechtsorde. In het bijzonder wordt gewezen op de bijkomende bevoegdheid van Arubaanse rechters om prejudiciële vragen te stellen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie.

  • Auteursinformatie

    N.C. Luk LLM

    N.C. Luk LLM is een alumnus van de Universiteit van Aruba en Universiteit Maastricht, en is werkzaam als PhD-researcher in het kader van het TRANSMIC-project aan het Centre for European Policy Studies te Brussel.

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming
Artikel

De implementatie van artikel 16 van de richtlijn voor grensoverschrijdende fusies: third time’s a charm?

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 4 2015
Trefwoorden grensoverschrijdende fusie, implementatie Richtlijn 2005/56/EG, werknemersmedezeggenschap, artikel 2:333k BW
Auteurs Mr. S.S.M. Rutten
  • Samenvatting

      Recentelijk heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie een arrest gewezen waarin het stelt dat de medezeggenschapsrechten van werknemers bij een grensoverschrijdende fusie uit Richtlijn 2005/56/EG niet correct zijn geïmplementeerd. Naar aanleiding hiervan heeft de Nederlandse wetgever artikel 2:333k BW in zijn geheel herzien. De auteur bespreekt of deze wijzigingen in lijn zijn met deze richtlijn.

  • Auteursinformatie

    Mr. S.S.M. Rutten

    Mr. S.S.M. Rutten is professional support lawyer corporate M&A bij NautaDutilh te Amsterdam.

Tijdschrift Caribisch Juristenblad
Artikel

Autonomie: geen recht zonder verantwoordelijkheid

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Koninkrijksrecht, staatsstructuur, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden, Koninkrijksaangelegenheden, autonomie
Auteurs Mr. R.R. Santos do Nascimento
  • Samenvatting

      In de 21ste eeuw blijkt meer dan ooit dat verzorging van het algemeen welzijn een verantwoordelijkheid is die staten niet onafhankelijk kunnen dragen. Dit brengt de noodzaak van steeds meer onderlinge afstemming en samenwerking met zich. Tegen deze achtergrond onderzoekt de auteur hoe de autonomie van de Caribische Landen binnen het Koninkrijk moet worden opgevat, waarbij hij tot de conclusie komt dat de belangen van burger en Koninkrijk met zich brengen dat autonomie begrepen moet worden als meer dan enkel een recht dat Nederland dient te eerbiedigen: autonomie is ook en vooral een plicht met de daaraan noodzakelijk gekoppelde verantwoordelijkheden.

  • Auteursinformatie

    Mr. R.R. Santos do Nascimento

    Mr. R.R. Santos do Nascimento is momenteel werkzaam als wetenschappelijk assistent Staatsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Aruba en werkt aan een dissertatie over de positie van Aruba binnen het Koninkrijk.

Tijdschrift Caribisch Juristenblad
Artikel

Doorvoer counterfeit strafbaar; koerswijziging van het strafrecht

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2015
Trefwoorden counterfeit, Wetboek van Strafrecht, Vrije Zone, Curaçao, Aruba
Auteurs Mr. A.C. Alberto
  • Samenvatting

      Curaçao en Aruba spelen een belangrijke rol als spil voor doorvoer van goederen tussen Europa, Azië en de Verenigde Staten. Derhalve is het van belang dat er goede handhaving plaatsvindt op de havens van Curaçao en Aruba. De vele voorvallen van doorvoer van counterfeit heeft geresulteerd in een intensief onderzoek welke geleid heeft tot de ontdekking van de wijziging van het Wetboek van Strafrecht. Deze zorgt ervoor dat de merkhouders meer bescherming toekomt op Curaçao en Aruba dan voorheen. Met alleen de wijziging alleen zijn we er nog niet maar het opent wel mogelijkheden.

  • Auteursinformatie

    Mr. A.C. Alberto

    Mw. mr. A.C. Alberto is oprichter en eigenaar van ACA Legal Advice te ’s-Hertogenbosch in Nederland.

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming
Artikel

Het stemrechtloze aandeel: een interessant instrument

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 5 2013
Trefwoorden stemrechtloos, preferent, aandeel, praktijk, Verenigde Staten
Auteurs Mr. N. Rachak
  • Samenvatting

      In deze bijdrage bespreekt de auteur het stemrechtloze aandeel en enkele toepassingsvormen.

  • Auteursinformatie

    Mr. N. Rachak

    Mr. N. Rachak is als advocaat werkzaam bij Allen & Overy in Amsterdam.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

De Europese stichting: terug naar de tekentafel

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2013
Auteurs Mr. N. Peters en Mr. M. Goorts
  • Samenvatting

      Uit de koker van de Europese Commissie kwam bij voorstel voor een verordening van 8 februari 2012 een Europese stichting van algemeen nut te voorschijn. Het voorstel is niet goed doordacht. Ook kunnen de beoogde doelen op eenvoudigere wijze worden bereikt. Dat zullen de auteurs in dit artikel inzichtelijk maken.
      Voorstel voor een verordening van de Raad betreffende het statuut van de Europese stichting (FE), COM(2012) 35 final

  • Auteursinformatie

    Mr. N. Peters

    Mr. N. Peters is advocaat bij BANNING N.V. te ’s-Hertogenbosch, alsmede buiten-promovendus en docent aan de RUG.

    Mr. M. Goorts

    Mr. M. Goorts is advocaat bij BANNING N.V. te ’s-Hertogenbosch.

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties
Artikel

Ontslagrecht in het Koninkrijk der Nederlanden (2)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2010
Trefwoorden ontslagrecht, concordantiebeginsel, Antillen, Aruba, arbeidsrecht, Koninkrijk der Nederlanden, doorwerking, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden
Auteurs Mr. F.M. Dekker
  • Samenvatting

      Volgens artikel 39 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden zijn de wetgevers van de verschillende Koninkrijkslanden verplicht een aantal belangrijke rechtsgebieden ‘zoveel mogelijk’ op overeenkomstige wijze te regelen. In een tweetal artikelen onderzoekt de auteur in hoeverre zij met betrekking tot het ontslagrecht aan deze zogenoemde concordantieverplichting voldoen. Volgens de auteur houdt artikel 39 Statuut namelijk in dat een verschil in wetgeving tussen de drie Koninkrijkslanden slechts geoorloofd is indien daar een behoorlijke rechtvaardigingsgrond voor kan worden aangewezen. In dit tweede deel ligt de focus allereerst op gevolgen van de recente staatkundige hervormingen binnen het Koninkrijk voor het vigerende ontslagrecht. Conclusie hiervan is dat de materiële gevolgen voor het ontslagrecht zeer beperkt zijn. Met dit als uitgangspunt worden vervolgens de opzegbepalingen uit het BW, de rechterlijke ontbinding en het einde van rechtswege in de verschillende koninkrijkslanden met elkaar vergeleken. Uit deze vergelijking blijkt dat er tussen de verschillende landen een hoop ongerechtvaardigde verschillen bestaan. Deze verschillen lijken zich evenwel voornamelijk voor te doen op technisch-juridische gebieden. Bij het uitvaardigen van nieuwe wetgeving houden de wetgevers dus onvoldoende rekening met het concordantiebeginsel. De rechters uit het Koninkrijk kan men in dezen daarentegen weinig kwalijk nemen. Daar waar hun een zekere beoordelingsruimte wordt gelaten, bestaat er immers een grote mate aan concordantie. Door middel van concorderende interpretatie worden de open normen in de verschillende landen namelijk op dezelfde wijze ingevuld. Hierbij moet er echter wel voor worden gewaakt dat er een te grote mate van concordantie wordt bereikt. De rechter mag de verschillen in cultuur en gewoontes tussen de Koninkrijkslanden niet uit het oog verliezen.

  • Auteursinformatie

    Mr. F.M. Dekker

    Mr. F.M. Dekker is externe promovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen en advocaat(-stagiair) bij BarentsKrans N.V. te Den Haag.

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties
Hoofdartikel

Ontslagrecht in het Koninkrijk der Nederlanden (1)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2010
Trefwoorden ontslagrecht, concordantiebeginsel, Antillen, Aruba, arbeidsrecht, Koninkrijk der Nederlanden, doorwerking, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden
Auteurs Mr. F.M. Dekker
  • Samenvatting

      Volgens artikel 39 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden zijn de wetgevers van de verschillende Koninkrijkslanden verplicht een aantal belangrijke rechtsgebieden ‘zoveel mogelijk’ op overeenkomstige wijze te regelen. In een tweetal artikelen onderzoekt de auteur in hoeverre zij met betrekking tot het ontslagrecht aan deze zogenaamde concordantieverplichting voldoen. In dit eerste deel van de tweeluik ligt de focus allereerst op het concordantiebeginsel. Volgens de auteur houdt artikel 39 Statuut in dat een verschil in wetgeving tussen de drie Koninkrijkslanden slechts geoorloofd is indien daar een behoorlijke rechtvaardigingsgrond voor kan worden aangewezen. Met dit als uitgangspunt worden vervolgens de drie regelingen inzake de preventieve ontslagtoetsing met elkaar vergeleken. Daaruit blijkt dat er tussen het Buitengewoon besluit arbeidsverhoudingen 1945 en de beide Landsverordeningen beëindiging arbeidsovereenkomsten een hoop ongerechtvaardigde verschillen bestaan. Ook tussen de landsverordeningen onderling bestaan de nodige verschillen. Geconcludeerd moet daarom worden dat de Koninkrijkswetgevers op dit terrein niet aan hun Statutaire concordantieverplichting voldoen.

  • Auteursinformatie

    Mr. F.M. Dekker

    Mr. F.M. Dekker is externe promovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen en advocaat(-stagiair) bij BarentsKrans N.V. te Den Haag

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Artikel

De nieuwe tegenstrijdigbelangregeling en de praktijk

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2010
Trefwoorden tegenstrijdig belang, wetsvoorstel bestuur en toezicht, artikel 2:146/256 BW, persoonlijk belang bestuurders en commissarissen
Auteurs Prof. mr. A.F.M. Dorresteijn
  • Samenvatting

      Het wetsvoorstel 31 763 (bestuur en toezicht) bevat een nieuwe regeling van het tegenstrijdig belang welke er in de kern op neerkomt dat bestuurders en commissarissen niet mogen deelnemen aan besluitvorming indien zij daarbij een persoonlijk tegenstrijdig belang hebben. In deze bijdrage wordt de nieuwe regeling onder de loep genomen, mede met het oog op vragen die zich in de praktijk kunnen gaan voordoen. Allereerst wordt de nieuwe regeling in kort bestek geschetst, gevolgd door enkele kanttekeningen. Voor een goed begrip van de regeling worden ook enkele met het tegenstrijdig belang verwante aangelegenheden gesignaleerd die buiten de nieuwe regeling vallen. Daarna worden enkele specifieke opmerkingen gemaakt met het oog op de praktijk. Deze bijdrage wordt afgesloten met een samenvatting van de belangrijkste bevinden en een conclusie.

  • Auteursinformatie

    Prof. mr. A.F.M. Dorresteijn

    Prof. mr. A.F.M. Dorresteijn is hoogleraar ondernemingsrecht (transnationale aspecten) aan de Universiteit Utrecht en advocaat bij AKD Advocaten en Notarissen.

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming
Artikel

De rol van de accountant bij grensoverschrijdende fusie

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 4 2010
Trefwoorden inbrengverklaring, accountantsverklaring, aanwijzing accountant, deskundigenverklaring, grensoverschrijdende fusie
Auteurs Mr. G.C. van Eck en Mr. E.R. Roelofs
  • Samenvatting

      De auteurs behandelen de rol van de accountant bij een grensoverschrijdende fusie die ziet op het afgeven van een inbrengverklaring in de zin van artikel 2:328 lid 1 tweede volzin BW bij een outbound grensoverschrijdende fusie. Tevens worden de aanwijzing van één accountant en de goedkeuring van deze aanwijzing voor de verdwijnende vennootschap(pen) en de verkrijgende vennootschap bij een grensoverschrijdende fusie besproken.

  • Auteursinformatie

    Mr. G.C. van Eck

    Mr. G.C. van Eck is werkzaam als notaris bij Loyens & Loeff.

    Mr. E.R. Roelofs

    Mr. E.R. Roelofs is promovendus aan de Universiteit Utrecht.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Jurisprudentie

Archer Daniels Midland: Punten van bezwaar en rechten van de verdediging

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2010
Trefwoorden rechten van de verdediging, punten van bezwaar, hoorplicht, bewijs, hoger beroep, afdoening
Auteurs Mr. E. Belhadj en mr. C.T. Dekker
  • Samenvatting

      In de uitspraak van 9 juli 2009 in de zaak Archer Daniels Midland spreekt het Hof van Justitie zich onder meer uit over de eisen die aan ‘mededeling van de punten van bezwaar’ worden gesteld in het kader van de rechten van de verdediging. Centraal staat de wijze waarop de Europese Commissie in deze mededeling dient om te gaan met juridische kwalificaties van feiten die in de uiteindelijke beslissing aan bod komen. Daarnaast wordt ook ingegaan op de omstandigheid dat de Europese Commissie zich bij de vaststelling van de boetebeschikking wegens overtreding van artikel 81 lid 1 EG-Verdrag (thans art. 107 lid 1 VWEU), heeft gebaseerd op feiten die volgden uit verklaringen, terwijl deze feiten niet in de mededeling van de punten van bezwaar als zodanig waren genoemd, maar de verklaringen slechts als bijlagen waren bijgevoegd.

  • Auteursinformatie

    Mr. E. Belhadj

    Mr. E. Belhadj is advocaat bij Nysingh te Zwolle.

    mr. C.T. Dekker

    Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh te Zwolle.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

Vijf keer televisie, films en boeken – het cultuurbelang in het Gemeenschapsrecht anno 2009

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8-9 2009
Trefwoorden cultuurbelang, must-carry, pluriformiteit, prejudiciële uitspraken
Auteurs Mr. H.S.J. Albers
  • Samenvatting

      In dit artikel worden vijf arresten uit de periode van december 2007 tot april 2009 besproken. Deze vijf arresten hebben gemeen dat zij alle betrekking hebben op het nationale cultuurbeleid en de bescherming van de taal en de pluriformiteit. Uit de analyse van de vijf besproken arresten blijkt dat het inroepen van het cultuurbelang in het Gemeenschaprecht anno 2008/2009 in principe niet leidt tot een alternatieve toepassing van het Gemeenschapsrecht. Slechts met betrekking tot gerechtvaardigde culturele, taal- of pluriformiteitsgerelateerde eisen die een ‘inherent’ bevoordelend effect hebben, zoals een taaleis ter bescherming van de nationale of officiële taal, of de plicht lokaal nieuws te brengen ter bescherming van de pluriformiteit, wordt een bijzondere positie geaccepteerd. In dergelijke gevallen is immers onvermijdelijk dat marktdeelnemers die in de betreffende lidstaat zijn gevestigd gemakkelijker aan de gestelde eisen kunnen voldoen dan marktdeelnemers die daarbuiten zijn gevestigd.

  • Auteursinformatie

    Mr. H.S.J. Albers

    Mr. H.S.J. Albers is advocaat bij Houthoff Buruma, Brussel.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Artikel

Op weg naar één Europese bv?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2009
Trefwoorden SPE, Societas Europaea Privata, Europese besloten vennootschap, Verordening inzake Europese BV, Statuut voor een Europese bv
Auteurs Mr. J. Oostenbrink
  • Samenvatting

      Oostenbrink bespreekt in zijn bijdrage het voorstel van de Europese Commissie voor een verordening van de raad betreffende het Statuut van de Europese besloten vennootschap (Societas Europaea) en het door de Europese Parlement gewijzigde voorstel, in het licht van de huidige besloten vennootschap en de Flex-bv. Hij is van mening dat de Societas Europaea gebaat is bij meer uniforme regelgeving die zo veel mogelijk door de verordening zelf en niet door het nationale recht dient te worden uitgelegd.

  • Auteursinformatie

    Mr. J. Oostenbrink

    Mr. J. Oostenbrink is advocaat bij Holland Van Gijzen Advocaten en Notarissen LLP.

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming
Artikel

Het Cartesio-arrest en re-incorporatie binnen de Europese Unie

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 1 2009
Trefwoorden re-incorporatie, zetelverplaatsing, cartesio, juridische fusie
Auteurs Mr. R.B. van Hees
  • Samenvatting

      Ingevolge het Cartesio-arrest mogen lidstaten beperkingen stellen aan de mogelijkheden voor naar hun recht opgerichte vennootschappen om de zetel te verplaatsen naar een andere lidstaat met behoud van rechtspersoonlijkheid naar het recht van de lidstaat van oprichting. Het beletten van een vennootschap om haar zetel grensoverschrijdend te verplaatsen met wijziging van het toepasselijke recht (re-incorporatie kan wél een op grond van artikel 43 EG-Verdrag niet-toegestane beperking van de vrijheid van vestiging vormen. Re-incorporatie is sinds enkele jaren mogelijk door middel van een grensoverschrijdende juridische fusie. Het Cartesio-arrest lijkt re-incorporatie via een grensoverschrijdende zetelverplaatsing mogelijk te maken.

  • Auteursinformatie

    Mr. R.B. van Hees

    Mr. R.B. van Hees is werkzaam als advocaat bij NautaDutilh.

Toont 1 - 20 van 100 gevonden teksten
« 1 3 4 5