Nter_1382-4120_2017_023_005_large
Rss

Nederlands tijdschrift voor Europees recht


Over dit tijdschrift  
Gevonden artikelen Alle samenvattingen uitklappen
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

A Tale of Three Cities: Grondrechtelijke aandachtspunten bij de toepassing van het mededingingsrecht

Trefwoorden mededingingsprocedures, nemo tenetur, zwijgplicht, cautie
Auteurs Mr. H.M.H. Speyart
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoewel diverse grondrechten al sinds jaar en dag worden ingeroepen in Europese mededingingsprocedures, komen op deze grondrechten gebaseerde verweren nog iets minder voor in Nederlandse mededingingszaken. In deze bijdrage, die wegens haar omvang geen uitputtend overzicht vormt, zal nader worden ingegaan op een aantal grondrechtelijke leerstukken die in dat kader met name relevant lijken.


Mr. H.M.H. Speyart
Mr. H.M.H. Speyart is advocaat bij NautaDutilh N.V. te Amsterdam.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

Licenties en de toepassing van het mededingingsrecht

Trefwoorden licentieovereenkomst, schikkingsovereenkomst, technologiepools, FRAND-voorwaarden, technologieoverdracht, groepsvrijstellingsverordening
Auteurs Mr. drs. D.P. Kuipers en Mr. J.I. Kohlen
SamenvattingAuteursinformatie

    In de praktijk blijkt vaak onduidelijkheid te bestaan over de vraag of het regime inzake verticale overeenkomsten, technologieoverdracht of misschien horizontale overeenkomsten van toepassing is op overeenkomsten waarbij licenties een rol spelen. In dit artikel bespreken wij de verschillende aspecten die relevant zijn bij de mededingingsrechtelijke beoordeling van licentieovereenkomsten waarbij zowel artikel 101 VWEU als artikel 102 VWEU een belangrijke plaats inneemt.


Mr. drs. D.P. Kuipers
Mr. drs. D.P. Kuipers is advocaat bij Bird & Bird LLP.

Mr. J.I. Kohlen
Mr. J.I. Kohlen is advocaat bij Bird & Bird LLP.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

Kroniek aanbestedingsrecht

Trefwoorden EG-handhavingsrichtlijnen, aanbestedende dienst/publiekrechtelijke instelling, gebiedsontwikkeling, dienstenconcessies
Auteurs Mr. J.W.A. Bergevoet, Mr. L.M. Hiemstra en Mr. S.R.A. Lucas
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek belichten de auteurs de recente ontwikkelingen op het gebied van het Europese aanbestedingsrecht over de periode van januari 2009 tot juli 2010. Op wetgevingsgebied is een belangrijke recente ontwikkeling de implementatie van de herziene EG-handhavingsrichtlijnen in de Nederlandse rechtsorde door inwerkingtreding van de Wet implementatie rechtsbeschermingsrichtlijnen aanbesteden (Wira). Daarnaast heeft het Hof van Justitie in het afgelopen anderhalf jaar veel (meer dan twintig) arresten gewezen op het gebied van Europees aanbestedingsrecht. Terugkerende onderwerpen in deze arresten die wij in deze kroniek zullen behandelen, zijn de subjectieve werkingssfeer van de Europese aanbestedingsrichtlijnen (het begrip aanbestedende dienst/publiekrechtelijke instelling), de objectieve werkingssfeer van de Europese aanbestedingsrichtlijnen (gebiedsontwikkeling en dienstenconcessies) en de uitzonderingen op de werkingssfeer (vanwege dwingende redenen van algemeen belang), alsmede uitsluiting van ondernemingen en werkelijke mededinging.


Mr. J.W.A. Bergevoet
Mr. J.W.A. Bergevoet is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. L.M. Hiemstra
Mr. L.M. Hiemstra is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. S.R.A. Lucas
Mr. S.R.A. Lucas is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Jurisprudentie

Het Nederlandse hoofdstuk in de Europese goksaga

Trefwoorden kansspelen, gokken op internet, Wet op de kansspelen, Ladbrokes, Betfair.
Auteurs Mr. J.C.M. van der Beek
SamenvattingAuteursinformatie

    In twee recente arresten heeft het Hof van Justitie vragen beantwoord die betrekking hebben op het Nederlandse éénvergunningenstelsel voor kansspelen en op de wijze waarop de vergunningen worden gegeven en verlengd in overeenstemming is met het Europese recht, met name het vrij verrichten van diensten. Het Hof van Justitie meent dat de Nederlandse regelgeving die zowel tot doel heeft om gokverslaving te beteugelen als om fraude tegen te gaan consistent kan zijn, ook al heeft de vergunninghouder het recht om reclame te maken en de activiteiten uit te breiden. Het Hof van Justitie bevestigt dat het beginsel van wederzijdse erkenning van vergunningen binnen de EU niet geldt voor kansspelen.


Mr. J.C.M. van der Beek
Mr. J.C.M. van der Beek is advocaat en partner bij Kennedy Van der Laan.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

Steunmaatregelen voor ziekenhuizen en diensten van algemeen economisch belang: doelmatigheid niet vereist?

Trefwoorden Diensten van algemeen economisch belang, Altmark-criteria, Altmark-pakket, (Brussels) ziekenhuizen
Auteurs Prof. dr. L. Hancher en Prof. mr. W. Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    De Europese regels over staatssteun kunnen in het geding komen bij de financiering van openbaredienstverplichtingen zoals die bijvoorbeeld bestaan in de ziekenhuiszorg. Daarbij staat de ruimte die hiertoe aan de lidstaten wordt gelaten nog volop ter discussie, bijvoorbeeld ten aanzien van Protocol 26 van het Werkingsverdrag (Wv) betreffende de diensten van algemeen (economisch) belang. Het staatssteunregime van de EU voorziet sinds 2003 in een toets voor openbaredienstverplichtingen op basis van de voorwaarden gesteld in het Altmark-arrest.1x Beide auteurs zijn verbonden aan het Tilburg Law and Economics Centre (TILEC). Leigh Hancher is daarnaast werkzaam bij Allen & Overy en Wolf Sauter bij de Zorgautoriteit (NZa).
    HvJ EG 24 juli 2003, zaak C-280/00, Altmark Trans GmbH en Regierungspräsidium Magdeburg/Nahverkehrsgesellschaft Altmark GmbH (Altmark Trans), Jur. 2003, p. I-7747.
    Indien hieraan wordt voldaan, is geen sprake van steun maar van compensatie. Wordt aan deze toets niet voldaan dan kan vervolgens eventueel op basis van artikel 106 lid 2 Wv worden bepaald of sprake is van een dienst van algemeen economisch belang (DAEB) die verenigbaar is met de interne markt. Het kader dat hierbij wordt gehanteerd is het zogenoemde DAEB-pakket (ook wel: ‘Monti-pakket’) uit november 2005.2x Beschikking 2005/842/EG van de Commissie van 28 november 2005 betreffende de toepassing van artikel 86, lid 2, van het EG-Verdrag op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst die aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen wordt toegekend, Pb. EG 2005, L 312/0067; Communautaire kaderregeling inzake staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, Pb. EU 2005, C 297/4. De beschikking trad op 19 december 2005 in werking, de kaderregeling op de datum van publicatie (29 november 2005). Het belangrijkste verschil tussen de twee toetsen zit in de wijze waarop wordt omgegaan met het doelmatigheidsvereiste. De hier te bespreken beschikking van de Europese Commissie illustreert bovenstaand punt.

Noten

  • 1 Beide auteurs zijn verbonden aan het Tilburg Law and Economics Centre (TILEC). Leigh Hancher is daarnaast werkzaam bij Allen & Overy en Wolf Sauter bij de Zorgautoriteit (NZa).
    HvJ EG 24 juli 2003, zaak C-280/00, Altmark Trans GmbH en Regierungspräsidium Magdeburg/Nahverkehrsgesellschaft Altmark GmbH (Altmark Trans), Jur. 2003, p. I-7747.

  • 2 Beschikking 2005/842/EG van de Commissie van 28 november 2005 betreffende de toepassing van artikel 86, lid 2, van het EG-Verdrag op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst die aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen wordt toegekend, Pb. EG 2005, L 312/0067; Communautaire kaderregeling inzake staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, Pb. EU 2005, C 297/4. De beschikking trad op 19 december 2005 in werking, de kaderregeling op de datum van publicatie (29 november 2005).


Prof. dr. L. Hancher
Prof. dr. L. Hancher is verbonden aan het Tilburg Law and Economics Centre (TILEC) en is daarnaast werkzaam bij Allen & Overy.

Prof. mr. W. Sauter
Prof. mr. W. Sauter is verbonden aan het Tilburg Law and Economics Centre (TILEC) en is daarnaast werkzaam bij de Zorgautoriteit (NZa).
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

Het Nederlandse voorstel voor implementatie van de gewijzigde Europese regels voor elektronische communicatie

Trefwoorden elektronische communicatie, nieuwe Regelgevende Kader, NRF, New Regulatory Framework
Auteurs Mr. G.P. van Duijvenvoorde
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 november 2009 is het gewijzigde Europese kader voor elektronische communicatie in werking getreden. Met twee richtlijnen worden de richtlijnen die sinds 2002 het regelgevingskader vormden, gewijzigd om beter te zijn toegesneden op de technologische en marktontwikkelingen. Een voorbeeld van een technologische ontwikkeling is het snel toegenomen gebruik van mobiele data, als gevolg van bijvoorbeeld ‘internetten’ of films bekijken via de mobiele telefoon. Om tegemoet te komen aan deze ontwikkeling is nodig dat er voldoende frequentieruimte beschikbaar is, maar ook dat wordt gewaarborgd dat gebruikers zoveel mogelijk ongeacht de aard en omvang van hun gebruik internet kunnen (blijven) gebruiken (netneutraliteit). Daarnaast betrof een van de discussiepunten bij de voorbereiding van het gewijzigde Europese kader de bescherming van gebruikers bij het afsluiten van het gebruik van internet en is het in het definitieve Europese kader op dit punt tot een compromis gekomen. Naast de wijzigingen in de richtlijnen is ook met een verordening een nieuw orgaan van Europese regelgevers onder de naam BEREC opgericht om te adviseren aan de Commissie en de nationale toezichthouders.


Mr. G.P. van Duijvenvoorde
Mr. G.P. van Duijvenvoorde is als advocaat werkzaam bij KPN Telecom te Den Haag en is gastdocent bij de afdeling E-law@leiden van de Universiteit Leiden.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

Eén enkele inbreuk: bezint eer ge begint

Trefwoorden kartel, inbreuk, bewijslast, bewijsvoering
Auteurs Mr. R. Elkerbout LL.M
SamenvattingAuteursinformatie

    In de beschikkingspraktijk van de Europese Commissie (hierna: de Commissie) en de NMa wordt een kartel bijna standaard juridisch geduid als ‘één enkele inbreuk’ op het kartelverbod. Het gebruik van het begrip ‘één enkele inbreuk’ heeft vergaande consequenties voor de bewijsvoering en de rechten van de verdediging. In dit artikel wordt aandacht besteed aan de oorsprong, de uitgangspunten en de grenzen van het begrip ‘één enkele inbreuk’.


Mr. R. Elkerbout LL.M
Mr. R. Elkerbout LL.M is advocaat bij Stek te Amsterdam.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Jurisprudentie

Van Auroux/Roanne naar Müller/Wildeshausen: waar ligt de grens van de aanbestedingsplicht bij gebiedsontwikkeling?

Trefwoorden overheidsopdracht, gebiedsontwikkeling, gronduitgifte, publiekprivate samenwerking
Auteurs Mr. G. ‘t Hart en Mr. H.S.J. Albers
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn Müller-arrest heeft het Hof van Justitie van de Europsese Unie (hierna: Hof van Justitie) duidelijk aangegeven onder welke omstandigheden welke onderdelen van een gebiedsontwikkeling Europees moeten worden aanbesteed. De ontwikkeling en realisatie van vastgoed met een private bestemming hoeft in beginsel niet mee te worden aanbesteed met de publieke delen, indien aanbestedende dienst en ontwikkelaar vasthouden aan hun eigen rol.


Mr. G. ‘t Hart
Mr. G. ’t Hart is advocaat bij Houthoff Buruma.

Mr. H.S.J. Albers
Mr. H.S.J. Albers is advocaat bij Houthoff Buruma.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Jurisprudentie

Google AdWords: het Hof maakt veel duidelijk, maar we zijn er nog niet

Trefwoorden inbreuk op de merkrechten, opslagdiensten, E-Commerce richtlijn, aantasting van de herkomstaanduidingsfunctie, Google AdWords
Auteurs Mr. M.J Heerma van Voss en Mr. V.A. Zwaan
SamenvattingAuteursinformatie

    De kogel is door de kerk voor Google; zij maakt geen inbreuk op de merkrechten met AdWords en Google verricht opslagdiensten in de zin van de E-Commerce richtlijn, als gevolg waarvan zij in beginsel een beroep kan doen op de daarin neergelegde aansprakelijkheidsexoneratie. Voor een geslaagd beroep zal de nationale rechter wel tot de conclusie moeten komen dat het gedrag van Google ‘binnen de perken blijft van dat van een als tussenpersoon optredende dienstverlener’.Wat betreft het merkgebruik door de adverteerder, komt het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (hierna: Hof van Justitie) met een (voor dit soort zaken?) specifieke invulling voor het door het Hof van Justitie ontwikkelde criterium ‘aantasting van de herkomstaanduidingsfunctie’. Tot slot is opvallend dat het Hof van Justitie resoluut stelt dat in dit soort zaken geen sprake is van afbreuk aan de andere merkfuncties dan voornoemde.


Mr. M.J Heerma van Voss
Mr. M.J. Heerma van Voss is advocaat bij SOLV te Amsterdam.

Mr. V.A. Zwaan
Mr. V.A. Zwaan is advocaat bij SOLV te Amsterdam.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

Beroepstermijnen aanbestedingsrecht en het effectiviteitsbeginsel

Trefwoorden doeltreffendheidsbeginsel, aanbesteding, bestuursrecht, beroepstermijnen, Rechtsbescherming
Auteurs Prof. mr. E. Steyger
SamenvattingAuteursinformatie

    In twee arresten heeft het Hof van Justitie beroepstermijnen opnieuw getoetst aan het beginsel van effectieve rechtsbescherming, en laat voortaan de lidstaten minder beleidsvrijheid dan tot dusver gebruikelijk. De arresten hebben een ruimer bereik dan alleen het aanbestedingsrecht.


Prof. mr. E. Steyger
Prof. mr. E. Steyger is hoogleraar Europees bestuursrecht aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en advocaat bij Holla Poelman Van Leeuwen advocaten te ’s-Hertogenbosch.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

Vergelijkende reclame; enkele beschouwingen

Trefwoorden vergelijkende reclame, oneerlijke handelspraktijken, misleiding, denigrerende reclame, lookalikes
Auteurs Mr. J.J.E. Bremer LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Jurisprudentie

De doorwerking van richtlijnen en algemene beginselen van EU-recht

De stand van zaken na het arrest Kücückdeveci

Trefwoorden uitsluitende directe werking, Kücükdeveci, Handvest van de Grondrechten
Auteurs Dr. H. de Waele en Mr. I. Kieft
SamenvattingAuteursinformatie
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

Een bouwwerk met krimpnaden: het besluit inzake staatssteun aan de Nederlandse woningcorporaties nader bekeken

Trefwoorden woningcorporatie, DAEB-vrijstelling, Sint Servatius
Auteurs Mr. H.M.H. Speyart
SamenvattingAuteursinformatie
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

Toets of geen toets? Is de Haaksbergen-rechtspraak staatssteunproof?

Trefwoorden ‘Haaksbergen’-jurisprudentie, aanmeldingsplicht, standstill verplichting / artikel 108, derde lid VWEU, steunmaatregel, staatssteunbegrip / artikel 107, eerste lid VWEU, ruimtelijke ordening
Auteurs Mr. E.V.A. Henny en Mr. J.M. Davidson
SamenvattingAuteursinformatie
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Artikel

Het toerekeningsleerstuk: de balans opgemaakt

Trefwoorden AKZO Nobel, ELF Acquitaine, Arkema, toerekening aan moederondernemingen, toerekeningsleerstuk
Auteurs Mr. I.W. VerLoren van Themaat en Mr. M.C. van Heezik
SamenvattingAuteursinformatie

    De recente arresten Akzo Nobel, Elf Acquitaine en Arkema nodigen uit de balans op te maken van het toerekeningsleerstuk. Twee vragen staan daarbij centraal: de aansprakelijkheid van moederondernemingen voor de gedragingen van hun dochters en de toerekening in gevallen van juridische of economische opvolging van de inbreukmakende ondernemingen.


Mr. I.W. VerLoren van Themaat
Mr. I.W. VerLoren van Themaat is partner en advocaat bij Houthoff Buruma in Amsterdam en tevens redactielid van NtER.

Mr. M.C. van Heezik
Mr. M.C. van Heezik is advocaat bij Houthoff Buruma in Amsterdam.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Jurisprudentie

Staatssteun voor onbetaald O&O&I-werk

Trefwoorden Kaderregeling O&O&I-steun, O&O&I-steunregeling, fictieve kosten
Auteurs Mr. T. Bruyninckx
SamenvattingAuteursinformatie

    De Kaderregeling O&O&I-steun voorziet in punt 5.1.4 in een reeks van kosten die in aanmerking komen voor het kwalificeren als geoorloofde staatssteun. Uit een eerste lezing van voornoemd punt blijkt dat enkel daadwerkelijk gemaakte kosten hiervoor in aanmerking komen. In het kader van een staatssteunonderzoek van een O&O&I-steunregeling zag de Toezichthoudende Autoriteit zich evenwel geconfronteerd met de vraag of ook fictieve kosten als gevolg van onbetaald O&O&I-werk voor steunverlening in aanmerking komen onder voornoemde kaderregeling.


Mr. T. Bruyninckx
Mr. T. Bruyninckx is advocaat te Brussel bij Altius.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Jurisprudentie

Archer Daniels Midland: Punten van bezwaar en rechten van de verdediging

Trefwoorden rechten van de verdediging, punten van bezwaar, hoorplicht, bewijs, hoger beroep, afdoening
Auteurs Mr. E. Belhadj en mr. C.T. Dekker
SamenvattingAuteursinformatie

    In de uitspraak van 9 juli 2009 in de zaak Archer Daniels Midland spreekt het Hof van Justitie zich onder meer uit over de eisen die aan ‘mededeling van de punten van bezwaar’ worden gesteld in het kader van de rechten van de verdediging. Centraal staat de wijze waarop de Europese Commissie in deze mededeling dient om te gaan met juridische kwalificaties van feiten die in de uiteindelijke beslissing aan bod komen. Daarnaast wordt ook ingegaan op de omstandigheid dat de Europese Commissie zich bij de vaststelling van de boetebeschikking wegens overtreding van artikel 81 lid 1 EG-Verdrag (thans art. 107 lid 1 VWEU), heeft gebaseerd op feiten die volgden uit verklaringen, terwijl deze feiten niet in de mededeling van de punten van bezwaar als zodanig waren genoemd, maar de verklaringen slechts als bijlagen waren bijgevoegd.


Mr. E. Belhadj
Mr. E. Belhadj is advocaat bij Nysingh te Zwolle.

mr. C.T. Dekker
Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh te Zwolle.
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht
Jurisprudentie

Zaak C-440/07 P, Commissie/Schneider Electric

Niet-contractuele aansprakelijkheid van de Europese Commissie in fusiecontrole

Trefwoorden Schneider, Legrand, niet-contractuele aansprakelijkheid, Europese Concentratieverordening, voorgenomen transactie
Auteurs Mr. M.F. Van Wissen
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn arrest van 16 juli 2009 in de zaak Schneider Electric/Legrand heeft het Hof van Justitie van de EG zich voor de eerste keer uitgesproken over de niet-contractuele aansprakelijkheid van de Europese Commissie bij de beoordeling van concentraties onder de Europese Concentratieverordening. In het arrest wordt de mogelijkheid om de Commissie aansprakelijk te houden voor schade die het gevolg is van haar optreden bij de beoordeling van concentraties zonder meer aanwezig geacht. De voorwaarden voor deze aansprakelijkheid van de Commissie zijn echter strikt.


Mr. M.F. Van Wissen
Mr. M.F. van Wissen is advocaat te Amsterdam bij De Brauw Blackstone Westbroek N.V.